Verkiezingen Europees Parlement: de kandidatenlijsten en de fracties

DINSDAG 14 MEI 2019 Volgende week donderdag 23 mei worden de verkiezingen voor het Europees Parlement gehouden. Onlangs hebben de kiezers de goedgekeurde kandidatenlijsten in hun brievenbus ontvangen. Aan welke eisen moeten de lijsten en kandidaten voldoen en van welke fracties gaan de gekozenen straks deel uitmaken in het Europees Parlement?

Europees Parlement Het Europees Parlement bestaat uit 751 leden. Ze worden gekozen in 28 lidstaten, inclusief het Verenigd Koninkrijk. In Nederland worden 26 Europarlementariërs gekozen. Het Europees Parlement vergadert in Brussel en Straatsburg. Europarlementariërs doen – net als de parlementariërs in Den Haag – hun werk zonder dat zij gebonden zijn aan instructies van kiezers of politieke partij.

Kandidaten Niet iedereen mag zich kandidaat stellen. Dat mogen alleen degenen die 18 jaar of ouder zijn en die óf Nederlander zijn óf in Nederland wonen en de nationaliteit hebben van een lidstaat van de Europese Unie. Kandidaten met de Nederlandse nationaliteit hoeven hier dus niet te wonen. Ze mogen ook elders in Europa of zelfs daarbuiten wonen. Zo wonen de lijsttrekkers van D66, PVV en Partij voor de Dieren in België, terwijl de lijsttrekker van Forum voor Democratie in de VS woont.

Naam De folder met kandidatenlijsten die de kiezers onlangs hebben ontvangen, ziet er hetzelfde uit als het stembiljet dat men op het stembureau ontvangt. Er staan 16 kandidatenlijsten op. Boven elke kandidatenlijst staat de naam die een partij bij deze verkiezingen gebruikt. Dat kan de partijnaam zijn maar ook een andere naam. Tot op zekere hoogte is het aan de partij zelf welke naam wordt gebruikt. Wat bijvoorbeeld niet mag, is dat de naam voor kiezers misleidend is, omdat hij teveel lijkt op de naam van een andere partij. Ook mag hij uit niet meer dan 35 tekens bestaan. Sommige gebruikte namen zijn heel kort, zoals VVD. Andere zijn veel langer, zoals CDA – Europese Volkspartij (26 tekens) en PVV (Partij voor de Vrijheid) (29 tekens). Het langste is P.v.d.A./Europese Sociaaldemocraten (35 tekens).

1 of 2 namen Boven de meeste lijsten staat slechts één naam, al dan niet met afkorting, zoals Democraten 66 (D66), VVD, SP (Socialistische Partij) of GroenLinks. Sommige partijen hebben een gezamenlijke lijst met een andere partij, en dan staan hun beider namen erboven. Dat is het geval met ChristenUnie en SGP en met vandeRegio en de Piratenpartij.

EVP en PES Ook boven de lijsten van CDA en PvdA staan twee partijnamen. Boven die van het CDA zijn dat CDA en Europese Volkspartij. Boven die van de PvdA zijn dat P.v.d.A. en Europese Sociaaldemocraten. Hier is echter geen sprake van gezamenlijke lijsten. De Europese Volkspartij en de Europese Sociaaldemocraten zijn beide Europese partijen, waarvan CDA respectievelijk PvdA lid zijn. Er is bij beide sprake van de lijst van één partij. De Europese Volkspartij (EVP) heet in het Frans Parti populaire européen (PPE) en in Engels European People’s Party (EPP), opgericht in 1976. Alleen nationale partijen en organisaties kunnen er lid van worden, het lidmaatschap staat niet open voor individuen (enkele uitzonderingen daargelaten). Naast het CDA zijn daarvan bijvoorbeeld de Duitse CDU en CSU, de Franse Les Républicains en de meeste Europarlementariërs van het Italiaanse Forza Italia lid. Ook het Hongaarse Fidesz is lid, hoewel geschorst sedert enkele maanden. De Partij van de Europese Sociaaldemocraten heet in het Engels Party of European Social Democrats (PES), opgericht in 1992. Lidmaatschap staat niet alleen open voor nationale partijen en organisaties maar ook voor individuen: iedereen die lid is van een nationale partij – zoals de PvdA – kan ook lid worden van de PES. Wat dit individueel lidmaatschap inhoudt is niet helemaal duidelijk, in elk geval is er geen stemrecht aan verbonden. Naast de PvdA zijn bijvoorbeeld de Duitse SPD en de Britse Labour Party nationale partijen die lid zijn.

Group Alle fracties – groups – in het Europees Parlement hebben een Engelse naam. De fractie van de Europese Volkspartij heet Group of the European People’s Party (Christian Democrats). Dit is de grootste fractie. Slechts een enkel fractielid is van een nationale partij die geen lid is van de EVP. Een voorbeeld is de Britse The Independent Group. Deze TIG is enkele maanden geleden opgericht door parlementariërs in het Britse Lagerhuis die Labour Party of Conservative Party vanwege hun Brexit-plannen hebben verlaten. Ook de fractie van de PES bestaat bijna helemaal uit Europarlementariërs van nationale partijen die lid zijn van de PES. Toch treedt deze naam in de fractienaam veel minder op de voorgrond: Group of the Progressive Alliance of Socialists and Democrats in the European Parliament (S&D). Deze fractie is de op een na grootste fractie.

Group ALDE Hoe zit het met de andere Nederlandse Europarlementariërs, van welke groups maken zij deel uit? De Europarlementariërs van VVD en D66 maken deel uit van de Group of the Alliance of Liberals and Democrats for Europe (ALDE). Ook de Europarlementariërs van bijvoorbeeld de Duitse FDP, de Britse LibDems, de Open Vlaamse Liberalen en Democraten (Guy Verhofstadt) en de Franse La République en Marche zitten in deze fractie. Die laatste partij heeft nu slechts één Europarlementariër. Het is echter ook de partij die in de Franse Tweede Kamer de absolute meerderheid heeft. Het ziet er naar uit dat ze ook groot gaat worden onder de Franse Europarlementariërs, waarvan er in totaal 74 zijn. Wat gaat dit voor de fractie van ALDE en voor andere fracties betekenen? Blijven de Europarlementariërs van La République en Marche straks deel uit maken van ALDE? Of gaan ze het politieke landschap ingrijpend veranderen door een nieuwe fractie te vormen, samen met sommige ALDE-partijen en PES-partijen? Gisteren stond in de Süddeutsche Zeitung dat daarover in elk geval verkennende gesprekken zijn gevoerd met onder andere VVD, D66 en FDP, en dat enkele Italiaanse en Portugese PES-partijen ook wel interesse hebben. De naam van de eventuele fractie staat al vast: Renaissance.

Andere groups De Europarlementariërs van ChristenUnie en SGP maken deel uit van de European Conservatists and Reformists Group (ECR), net als bijvoorbeeld de (meeste) Europarlementariërs van de Britse Conservative Party, de Belgische NVA en de Poolse PiS. De Europarlementariërs van GroenLinks maken deel uit van de Group of the Greens/European Free Alliance (Greens/EFA), net als bijvoorbeeld de Duitse Bündnis 90/Die Grünen en Piratenpartei Deutschland. Die van SP én Partij voor de Dieren maken deel uit van de Confederal Group of the European United Left – Nordic Green Left (GUE/NGL), net als bijvoorbeeld de Duitse Die Linke en het Spaanse Podemos. De Europarlementariërs van PVV maken deel uit van Europe of Nations and Freedom Group (ENF), net als bijvoorbeeld de Franse Rassemblement national (Marine Le Pen), de Oostenrijkse FPÖ, het Vlaams Belang en de Italiaanse Lega Nord.

EFDD Geen enkele Europarlementariër uit Nederland maakt deel uit van de fractie Europa van Vrijheid en Directe Democratie (EFDD), waarin bijvoorbeeld de Italiaanse Movimento 5 Stelle (Vijfsterrenbeweging) en de Duitse Alternative für Deutschland (AfD).

Groups? De andere partijen op het stembiljet hebben nog geen Europarlementariërs. In de volgorde waarop ze op het stembiljet staan: 50PLUS, JEZUS LEEFT, DENK, De Groenen, Forum voor Democratie, Piratenpartij, Vanderegio en Volt Nederland. Het is onbekend van welke fractie in het Europees Parlement ze straks deel gaan uitmaken.

Volt Volt Nederland is een afdeling van Volt Europa. Volt Europa is een Europese partij, twee jaar geleden opgericht. Ook deze partij neemt dus (mede) onder de naam van een Europese partij deel aan de verkiezingen. In tegenstelling tot de EVP en de PES staat het lidmaatschap open voor individuen en hebben die leden ook stemrecht. Volt Europa wil dat er in elk land een afdeling komt. Zo is er inmiddels Volt België, Volt Luxemburg, Volt Duitsland en Volt Nederland dus. Al deze afdelingen zijn pas opgericht na Volt Europa. Wie lid wordt van een nationale afdeling, is automatisch lid van Volt Europa. Waar geen afdeling bestaat, kan men rechtstreeks lid worden van Volt Europa. Waar wel een afdeling bestaat, kan dat soms zonder afdelingslidmaatschap. Het zijn de afdelingen die deelnemen aan de Europese verkiezingen. In het AD van afgelopen vrijdag staat dat de Europarlementariërs van Volt straks een eigen fractie willen gaan vormen. Een nieuwe fractie (group) moet volgens het reglement van het Europees Parlement aan zekere eisen voldoen, zoals minstens 25 leden tellen. Gaat dit lukken?

Voorkeursstem In Nederland wordt bij de verkiezing voor het Europees Parlement een voorkeursstem uitgebracht, dat wil zeggen dat de kiezer niet stemt op een lijst maar op een kandidaat van een lijst. De politieke partij heeft de volgorde op de lijst bepaald. Voorkeurstemmen kunnen die volgorde doorbreken, als er genoeg stemmen op een kandidaat worden uitgebracht. Genoeg is hier ongeveer 18.000 stemmen. Het wettelijk criterium is namelijk 10% van de kiesdeler. In 2014, bij de vorige verkiezingen voor het Europees Parlement was de kiesdeler 183.000 stemmen. Dit is een relatief lage kiesdeler, en dat komt door de lage opkomst. In 2014 hebben 5 Nederlandse Europarlementariërs de lijstvolgorde doorbroken. Best veel eigenlijk, want dat zijn 5 van de in totaal 26 Nederlandse Europarlementariërs, en dat is dus bijna 20%.

BRONNEN:

”Europees Parlement”

Artikel 6 van de Europese Akte luidt (gedeeltelijk): De leden van het Europees Parlement brengen hun stem individueel en persoonlijk uit. Zij mogen niet gebonden zijn door instructies en geen bindend mandaat aanvaarden.

”Kandidaten”

Artikel Y 4 van de Kieswet luidt (gedeeltelijk): Lid van het Europees Parlement kunnen zijn: a. zij die voldoen aan de vereisten die in artikel 56 van de Grondwet voor het lidmaatschap van de Staten-Generaal worden gesteld; b. de niet-Nederlanders die onderdanen zijn van andere lidstaten van de Europese Unie, mits zij: 1°. hun werkelijke woonplaats hebben in het Europese deel van Nederland, 2°. de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt, en 3°. niet zijn uitgesloten van het recht om gekozen te worden, hetzij in Nederland, hetzij in de lidstaat waarvan zij onderdaan zijn.

Artikel 56 van de Grondwet luidt: Om lid van de Staten-Generaal te kunnen zijn is vereist dat men Nederlander is, de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt en niet is uitgesloten van het kiesrecht.

”Naam”

Artikel Y 10 van de Kieswet luidt (gedeeltelijk): Behalve op de in artikel G 1, vierde lid, genoemde gronden wordt op een verzoek om registratie van de aanduiding van een politieke groepering ten behoeve van de verkiezing van de leden van het Europees Parlement afwijzend beschikt, indien de aanduiding geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een aanduiding van een andere politieke groepering die reeds ten behoeve van de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer is geregistreerd, of met een aanduiding waarvoor reeds eerder ten behoeve van die verkiezing een registratieverzoek is ontvangen, en daardoor verwarring te duchten is.

Artikel G1 luidt (gedeeltelijk): Een politieke groepering die een vereniging is met volledige rechtsbevoegdheid kan aan het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer schriftelijk verzoeken de aanduiding waarmee zij voor die verkiezing op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld, in te schrijven in een register dat door het centraal stembureau wordt bijgehouden. Het centraal stembureau beschikt slechts afwijzend op het verzoek, indien: a. de aanduiding strijdig is met de openbare orde; b. de aanduiding geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een reeds geregistreerde aanduiding van een andere politieke groepering, of met een aanduiding waarvoor reeds eerder op grond van dit artikel een registratieverzoek is ontvangen, en daardoor verwarring te duchten is; c. de aanduiding anderszins misleidend is voor de kiezers; d. de aanduiding meer dan 35 letters of andere tekens bevat.

”Volt”

Artikel 32 van het Reglement van het Europees Parlement luidt (gedeeltelijk): De leden kunnen fracties oprichten naar politieke gezindheid. Een fractie bestaat uit leden uit ten minste een vierde van de lidstaten. Het voor de oprichting van een fractie vereiste aantal leden bedraagt ten minste vijfentwintig.

”Voorkeursstem”

Artikel 1 van de Europese Akte luidt (gedeeltelijk): De lidstaten kunnen het uitbrengen van voorkeurstemmen toestaan, overeenkomstig de bepalingen die zij vastleggen.

Artikel P 15 van de Kieswet luidt (gedeeltelijk): In de volgorde van de aantallen op hen uitgebrachte stemmen zijn gekozen die kandidaten die op de gezamenlijke lijsten waarop zij voorkomen, een aantal stemmen hebben verkregen, groter dan 25% van de kiesdeler, voor zover aan de lijstengroep of de niet van een lijstengroep deel uitmakende lijst voldoende zetels zijn toegewezen.

Artikel Y 23a luidt (gedeeltelijk): Voor de toepassing van de artikelen P 15 en P 19, tweede lid, wordt voor «25% van de kiesdeler» gelezen: 10% van de kiesdeler.

De Europese verkiezingen zijn niet overal op zondag en de kiezer is niet per se meerderjarig

VRIJDAG 1 FEBRUARI 2019 Over enkele maanden – eind mei – zijn er Europese verkiezingen. Het Europees Parlement heeft vorige week vrijdag een nieuwe website gelanceerd die per lidstaat praktische uitleg geeft over het uitbrengen van je stem voor de Europese verkiezingen. Die verkiezingen worden gehouden in 28 landen. De uitleg op de website gebeurt in de eigen taal van het land. Hieronder volgt een vergelijking van Nederland, Duitsland, Oostenrijk, Frankrijk, België, Ierland, Luxemburg en Malta. Alleen in deze landen is Engels, Duits, Frans of Nederlands een eigen taal.

Rechtstreeks De wijze waarop er wordt gestemd hoeft namelijk niet in alle landen dezelfde te zijn. Die kan tot op zekere hoogte per land verschillen. In een Europese regeling staat wat overal hetzelfde moet zijn en wat dat niet hoeft te zijn. Voor de Europese verkiezingen moet in elk land het stelsel van evenredige vertegenwoordiging gelden. Dat is het stelsel dat hier in Nederland voor alle verkiezingen geldt. Verder dient in elk land te gelden dat de Europese verkiezingen rechtstreeks, algemeen, vrij en geheim zijn. Bovendien mag elke kiezer slechts één keer zijn stem uitbrengen.

16 jaar Tot zover de overeenkomsten. Er zijn er meer, maar die blijven hier buiten beschouwing. Wat ten eerste verschilt, is de leeftijd waarop gestemd mag worden. In de meeste landen is dat 18 jaar, maar in Oostenrijk en Malta is dat 16 jaar.

Kiesdistrict Alleen België en Ierland hebben meerdere kiesdistricten; in de andere landen is het hele land één kiesdistrict.

Voorkeursstemmen kunnen in de meeste landen worden uitgebracht, behalve in Duitsland en Frankrijk.

Drempel Praktisch heeft alleen Frankrijk een kiesdrempel (van 5%).

Dag In elk land mag er slechts één verkiezingsdag zijn. Die dag moet zijn donderdag 23 mei, vrijdag de 24e, zaterdag de 25e of zondag 26 mei (2019). De meeste landen kiezen net als Nederland voor zondag 26 mei. Nederland kiest echter voor de donderdag, Ierland voor vrijdag de 24e en Malta zaterdag de 25e. (Bijgewerkt 05.02.19)

Aantal Het Europees Parlement telt straks 705 leden. Daarvan zijn er 29 in Nederland gekozen. 96 in Duitsland, 79 in Frankrijk, 21 in België, 19 in Oostenrijk en in Ierland, en 6 in zowel Malta als Luxemburg.

Groot-Brittannië doet vanwege de Brexit op 29 maart niet mee aan de Europese verkiezingen. Uiteraard staat de Brexit vaak op de agenda van het Europees Parlement. Zo heeft een parlementaire commissie afgelopen dinsdag besloten dat Britse burgers na de Brexit geen visum nodig hebben om de EU korte tijd te bezoeken, zie over dit soort visums http://staatsrechtpraktijk.nl/?p=627 . Dit besluit moet wel nog worden bekrachtigd door het hele parlement en de Raad van Ministers. De parlementaire commissie heeft er trouwens een voorwaarde aan verbonden: Groot-Brittannië moet hetzelfde toestaan aan burgers van de Europese Unie.

BRONNEN:

De website van het Europees Parlement die vorige week vrijdag is gelanceerd:

https://www.europese-verkiezingen.eu/

Artikel 1 van de Akte betreffende de verkiezing van de leden van het Europees Parlement door middel van rechtstreekse algemene verkiezingen luidt (gedeeltelijk): In alle lidstaten worden de leden van het Europees Parlement volgens een stelsel van evenredige vertegenwoordiging, hetzij volgens het lijstenstelsel, hetzij volgens het stelsel van één overdraagbare stem, gekozen. De leden van het Europees Parlement worden gekozen door middel van rechtstreekse, algemene, vrije en geheime verkiezingen

Artikel 9 luidt: Bij de verkiezing van de leden van het Europees Parlement in het Europees Parlement mag niemand meer dan eenmaal zijn stem uitbrengen

Artikel 8 luidt: Behoudens de bepalingen van deze akte gelden voor de verkiezingsprocedure in elke lidstaat de nationale bepalingen. Die nationale bepalingen, die eventueel rekening kunnen houden met de eigenheden van de lidstaten, mogen echter over het geheel genomen geen afbreuk doen aan het beginsel van evenredige vertegenwoordiging

Artikel 1 luidt (gedeeltelijk): De lidstaten kunnen het uitbrengen van voorkeurstemmen toestaan, overeenkomstig de bepalingen die zij vastleggen.

Artikel 2 luidt: Afhankelijk van de specifieke nationale kenmerken kunnen de lidstaten kiesdistricten voor de verkiezing van het Europees Parlement instellen of voorzien in andere kiesindelingen, evenwel zonder dat over het geheel genomen afbreuk wordt gedaan aan het beginsel van evenredige vertegenwoordiging.

Artikel 3 luidt: De lidstaten kunnen bepalen dat er een minimumdrempel voor de verdeling van de zetels wordt vastgesteld. Die drempel mag niet hoger dan 5 % van de op nationaal niveau uitgebrachte stemmen zijn.

Artikel 10 luidt (gedeeltelijk): De verkiezingen voor het Europees Parlement vinden plaats op de door elke Lid-Staat vastgestelde datum en uren, die voor alle Lid-Staten gelegen moet zijn binnen een zelfde periode die aanvangt op donderdagochtend en afloopt op de daaropvolgende zondag.

Three is a crowd, maar niet genoeg voor verkiezingen!

DINSDAG 4 DECEMBER 2018 In de Eerste Kamer staat vanmiddag het wetsvoorstel Regeling van de mogelijke toewijzing van extra zetels voor Nederland in het Europees Parlement op de agenda van de commissie Binnenlandse Zaken. Waar gaat het over?

28 juni 2018 De Europese Raad heeft op 28 juni van dit jaar besloten dat Nederland drie extra zetels krijgt in het nieuwe Europees Parlement, nadat Groot-Brittannië zich uit de Europese Unie heeft teruggetrokken. In de laatste week van mei volgend jaar zijn er de verkiezingen voor het Europees Parlement; in Nederland is dat op 23 mei. Het is natuurlijk nog niet zeker of Groot-Brittannië zich terugtrekt, en als if so is evenmin duidelijk when. Er is weliswaar een schema; volgens schema gebeurt de terugtrekking op 29 maart volgend jaar, maar het is dus de vraag of hij volgens schema zal verlopen.

29 maart 2019 Als het allemaal volgens schema verloopt, dan is de terugtrekking een feit vóór de verkiezingen van het Europees Parlement. In dat geval zal de kiesdeler voor Nederland kleiner worden. De kiesdeler is het aantal stemmen op een kandidatenlijst (stemcijfer) dat gegarandeerd een zetel oplevert voor die lijst. Als op een lijst zoveel (geldige) stemmen zijn uitgebracht dat twee keer de kiesdeler is gehaald, dan worden aan die lijst gegarandeerd twee zetels toegedeeld, enzovoorts. Nederland gaat met de drie extra zetels van 26 naar 29 zetels. Een toename dus van ongeveer 10% en dus wordt de kiesdeler ook ongeveer 10% kleiner. Een kandidatenlijst heeft straks dus 10% minder stemmen nodig voor een gegarandeerde zetel, een 10% lager stemcijfer dus.

23 mei 2019 Als het allemaal niet volgens schema verloopt, dan is de terugtrekking nog geen feit vóór de verkiezingen van het Europees Parlement (23 mei volgend jaar). Als de terugtrekking tot ergens na die datum wordt uitgesteld, dan is er een probleem. Het wetsvoorstel Regeling van de mogelijke toewijzing van extra zetels voor Nederland in het Europees parlement wil voor dat probleem een oplossing bieden. Vanmiddag behandelt de Eerste Kamer commissie dit wetsvoorstel. De Tweede Kamer heeft het al aangenomen, met ruime meerderheid. Het wetsvoorstel zoekt aansluiting bij de (bestaande) wettelijke regeling voor de restzetelverdeling, zoals die geldt bij diverse verkiezingen. Een restzetel is een (extra) zetel voor een kandidatenlijst die niet (voor die extra zetel) de kiesdeler heeft gehaald. De wettelijke regeling voor de restzetelverdeling staat in de Kieswet. De restzetel(s) gaan volgens die wet naar de lijsten met het grootste gemiddelde aantal stemmen per zetel. Diezelfde regeling wordt nu dus in het wetsvoorstel voorgesteld voor de verdeling van de drie extra zetels in het Europees Parlement. Strikt genomen zijn het evenwel geen restzetels. De regering heeft ook andere opties overwogen, zoals het houden van aparte verkiezingen voor de drie extra zetels.

BRONNEN:

Artikel 3 van het Besluit (EU) 2018/937 van de Europese Raad van 28 juni 2018 inzake de samenstelling van het Europees Parlement luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Voor de zittingsperiode 2019-2024 wordt het aantal in elke lidstaat gekozen vertegenwoordigers in het Europees Parlement als volgt vastgesteld: Nederland 29.

Lid 2. Indien evenwel het Verenigd Koninkrijk aan het begin van de zittingsperiode 2019-2024 nog steeds een lidstaat van de Unie is, is het aantal in elke lidstaat gekozen vertegenwoordigers dat het ambt aanvaardt het aantal dat bepaald is in artikel 3 van Besluit 2013/312/EU van de Europese Raad (2), totdat de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie rechtsgeldig wordt. Zodra de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie rechtsgeldig wordt, is het aantal in elke lidstaat gekozen vertegenwoordigers in het Europees Parlement het aantal als bepaald in lid 1 van dit artikel.

Artikel 1 van het wetsvoorstel Regeling van de mogelijke toewijzing van extra zetels voor Nederland in het Europees Parlement (wetsvoorstel nummer 35016) luidt: Deze wet geldt indien de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie overeenkomstig artikel 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie plaatsvindt in de periode tussen 23 mei 2019 en de dag van de eerste zitting van het Europees parlement in de periode 2024–2029.

Artikel 3 van het wetsvoorstel luidt (gedeeltelijk): Lid 2. De extra zetels vallen toe aan de lijst of lijsten die, na toewijzing van de laatst toegewezen restzetel bij de vaststelling van de uitslag van de verkiezing van de leden van het Europees parlement in mei 2019, bij voortgezette toepassing van de artikelen P 7, P 10 tot en met P 18, P 19, eerste tot en met het vierde lid, P 19a en Y 23a van de Kieswet achtereenvolgens als eerste in aanmerking komen voor de toewijzing van de extra zetels.

Artikel 6 van het wetsvoorstel luidt: Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen en onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. Deze wet vervalt met ingang van 1 september 2024.

Artikel P 6 van de Kieswet luidt: Zoveel maal als de kiesdeler is begrepen in het stemcijfer van een lijst wordt aan die lijst een zetel toegewezen.

Artikel P 7 luidt (gedeeltelijk): De overblijvende zetels, die restzetels worden genoemd, worden, indien het aantal te verdelen zetels negentien of meer bedraagt, achtereenvolgens toegewezen aan de lijsten die na toewijzing van de zetel het grootste gemiddelde aantal stemmen per toegewezen zetel hebben. Indien gemiddelden gelijk zijn, beslist zo nodig het lot.

Pan-Europese kandidatenlijsten voor het Europees Parlement?

10 SEPTEMBER 2018 Naar verwachting zijn er eind mei 2019 verkiezingen voor het Europees Parlement. Dat is de volksvertegenwoordiging van de Europese Unie. Er zijn nu 28 landen lid van de Europese Unie (EU). Wanneer Groot-Brittannië de EU verlaat (Brexit), zijn er nog 27 lidstaten. De parlementariërs worden gekozen door de burgers. Dat gebeurt in alle lidstaten in dezelfde week. Zij worden voor vijf jaar gekozen. De vorige verkiezingen waren in 2014. In de aanloop naar de volgende verkiezingen staan hier geregeld bijdragen over het Europees Parlement en haar verkiezing, in de Benelux-landen en in Duitsland en Frankrijk. Wie kan zich in Nederland kandidaat stellen?

Passief kiesrecht Het recht om zich kandidaat te stellen (en om in het verlengde daarvan verkozen te worden) heet het passief kiesrecht. Daar staat tegenover het recht om op een kandidaat te stemmen, dat wil zeggen het recht om te kiezen: dat heet het actief kiesrecht.

Alleen Nederlanders? Uiteraard kunnen meerderjarigen met de Nederlandse nationaliteit zich kandidaat stellen. Maar ook Fransen, Belgen, Duitsers, Denen, Hongaren en alle anderen met een nationaliteit van een (EU) lidstaat kunnen zich volgens de Kieswet hier te lande kandidaat stellen. Tenminste: als ze in Nederland wonen. Maar als ze hier op een kandidatenlijst voorkomen, mogen ze niet ook in het land van hun nationaliteit op zo’n lijst voorkomen.

Europees burgerschap? Samengevat: om in aanmerking te komen voor het passief kiesrecht is Nederlanderschap niet nodig en voldoet Europees burgerschap.

Pan-Europese partij? Vorige week stond in een (Nederlandse) krant een groot artikel over Europese regeringsleiders die zouden overwegen om met een pan-Europese partij mee te doen aan de verkiezingen. Eén van hen was de Franse president Emmanuel Macron. Uit het krantenartikel wordt mij niet helemaal duidelijk wat met zo’n partij is bedoeld. In elk geval kan daarmee niet bedoeld zijn dat een partij in (bijna) alle lidstaten meedoet met de verkiezingen en voor al die landen een kandidatenlijst maakt waarop dezelfde kandidaten staan. Daarop zouden dan namelijk ook kandidaten staan die noch de nationaliteit noch de woonplaats hebben van/in die landen. Dat is niet alleen op grond van de Kieswet verboden in Nederland, maar op grond van een Europese richtlijn uit 1993 ook in de andere EU-landen.

BRONNEN

Artikel Y 4 Kieswet luidt: Lid van het Europees Parlement kunnen zijn:

  • a. zij die voldoen aan de vereisten die in artikel 56 van de Grondwet voor het lidmaatschap van de Staten-Generaal worden gesteld;
  • b. de niet-Nederlanders die onderdanen zijn van andere lidstaten van de Europese Unie, mits zij:
    • 1°. hun werkelijke woonplaats hebben in het Europese deel van Nederland,
    • 2°. de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt, en
    • 3°. niet zijn uitgesloten van het recht om gekozen te worden, hetzij in Nederland, hetzij in de lidstaat waarvan zij onderdaan zijn.

Artikel Y 31 Kieswet luidt: De kiesgerechtigde niet-Nederlander die onderdaan is van een andere lidstaat van de Europese Unie die zijn werkelijke woonplaats in het Europese deel van Nederland heeft, neemt aan de verkiezing deel hetzij in het Europese deel van Nederland, hetzij in de lidstaat waarvan hij onderdaan is.

Artikel 3 (Europese) richtlijn 93/109/ EG van de Raad van 6 december 1993 luidt (gedeeltelijk): Eenieder die op de referentiedag a) burger is van de Unie en b) zonder de nationaliteit van de lidstaat van verblijf te bezitten heeft in de lidstaat van verblijf het actief en passief kiesrecht bij de verkiezingen voor het Europees Parlement.

Europees Parlement: zetelverdeling over landen

4 SEPTEMBER 2018 Naar verwachting eind mei 2019 zijn er verkiezingen voor het Europees Parlement. Het Europees Parlement is de volksvertegenwoordiging van de Europese Unie. Er zijn nu 28 landen lid van de Europese Unie (EU). Wanneer Groot-Brittannië de EU verlaat (Brexit), heeft de EU nog 27 lidstaten. De parlementariërs worden gekozen door de burgers. In elke lidstaat kiezen de burgers hun eigen leden van het Europees Parlement. Dat gebeurt in alle lidstaten in dezelfde week. Leden van het Europees Parlement worden gekozen voor vijf jaar. De vorige verkiezingen waren in 2014. In de aanloop naar de verkiezingen worden hier geregeld bijdragen geplaatst over Europees Parlement en deze verkiezingen in de Benelux-landen en in Duitsland en Frankrijk.

Grootte Het Europees Parlement bestaat nu uit 751 leden. Ten gevolge van de Brexit bestaat het na de verkiezingen naar verwachting uit 705 leden.

Nederland Nederland heeft momenteel 26 leden in het Europees Parlement. In mei 2019 groeit dit aantal naar verwachting tot 29 leden.

België België heeft er momenteel 21. Dat aantal blijft volgend jaar hetzelfde.

Luxemburg Luxemburg heeft er momenteel 6. Ook dit aantal blijft hetzelfde. Luxemburg is een van de landen met de minste leden in het Europees Parlement.

Duitsland Duitsland heeft er momenteel 96 en dat blijft ook zo. Duitsland heeft en behoudt de meeste leden in het Europees Parlement.

Frankrijk Frankrijk heeft er momenteel 74. Dat aantal groeit volgend jaar naar verwachting tot 79.

223 Momenteel hebben deze vijf landen samen 223 (van de 751) parlementariërs. Volgend jaar hebben ze naar verwachting 231 (van de 705) parlementariërs.