Waterschapsverkiezingen 2019: benoeming vertegenwoordiger natuur

WOENSDAG 14 NOVEMBER 2018 Over enkele maanden zijn er weer verkiezingen voor de waterschappen (maart 2019). Waterschappen worden ook wel hoogheemraadschappen genoemd. Wekelijks staat hier een bijdrage over de waterschapsverkiezingen. De bijdrage van deze week gaat over de wijze waarop de vertegenwoordigers van de bezitters van natuurterreinen worden gekozen in het algemeen bestuur.

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur bestaat niet alleen uit vertegenwoordigers van de mensen die in het waterschap wonen (de ingezetenen), maar ook uit vertegenwoordigers van de bezitters van land- en tuinbouwgronden en uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven. Bovendien bestaat het uit vertegenwoordigers van de bezitters van natuurterreinen. In de waterschappen Delfland (Zuid-Holland) en Rivierenland (grotendeels Gelderland) telt het algemeen bestuur 30 leden. Het algemeen bestuur van een waterschap is enigszins vergelijkbaar met de gemeenteraad.

Opbouw Het algemeen bestuur in Delfland bestaat uit 21 vertegenwoordigers van de ingezetenen, vier vertegenwoordigers van bezitters van de land- en tuinbouwgronden, vier vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en ten slotte één vertegenwoordiger van de bezitters van natuurterreinen. Het algemeen bestuur in Rivierenland bestaat uit 22 vertegenwoordigers van de ingezetenen, vier vertegenwoordigers van de bezitters van de land- en tuinbouwgronden, drie vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en ten slotte één vertegenwoordiger van de bezitters van natuurterreinen. In beide waterschappen hebben de bezitters van natuurterreinen dus slechts één vertegenwoordiger.

VBNE In zowel Delfland als Rivierenland is het de vereniging van bos- en natuurterreineigenaren (VBNE) die die vertegenwoordiger benoemt. De leden van deze vereniging zijn géén mensen van vlees en bloed maar organisaties. Er zijn zes organisaties lid: Staatsbosbeheer, Vereniging van Natuurmonumenten, LandschappenNL, Rijksvastgoedbedrijf, Natuurnetwerk Gemeenten en de Federatie Particulier Grondbezit. LandschappenNL is het samenwerkingsverband van de provinciale landschappen, zoals Het Zuid-Hollands Landschap en Het Geldersch Landschap en Kasteelen.

Eén regeling VBNE maakt zelf de regeling voor de (wijze waarop zij komt tot de) benoeming van de vertegenwoordiger. Die regeling is voor Delfland en Rivierenland dezelfde.

Benoemingscommissie De benoemingscommissie voert sollicitatiegesprekken en brengt uiteindelijk schriftelijk advies uit. Daarin staat welke sollicitant zij het meest geschikt acht en waarom dat zo is; er kan ook in staan dat geen enkele sollicitant geschikt is (dan volgt een nieuwe sollicitatieronde). De benoemingscommissie bestaat uit afgevaardigden van de zes verenigingsleden. Er moet altijd een afgevaardigde van de Federatie Particulier Grondbezit in zitten. Datzelfde geldt voor Staatsbosbeheer, Vereniging Natuurmonumenten en LandschappenNL: twee van deze organisaties moeten althans een afgevaardigde hebben gestuurd. De andere verenigingsleden mogen een afgevaardigde sturen. De commissie bestaat dus uit minstens drie leden en maximaal zes. Voor het uitbrengen van advies voldoet een meerderheidsbesluit. Het werkgebied van de commissie bestaat uit alle waterschappen in een provincie. Elke provincie heeft dus een eigen commissie.

Bestuur van VBNE VBNE is een vereniging en heeft dus naast leden ook een bestuur. De benoemingscommissie brengt advies uit aan dit bestuur. Het bestuur besluit wie de vertegenwoordiger in het algemeen bestuur van het waterschap wordt. Het hoeft het advies van de commissie dus niet over te nemen. De voorzitter van de commissie mag het in de bestuursvergadering mondeling toelichten. Commissievoorzitter is een commissielid die de anderen als voorzitter hebben aangewezen.

Sollicitant De sollicitatieprocedure staat voor iedereen open die meerderjarig is en in het waterschap woont.

BRONNEN:

Artikel 12 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën van belanghebbenden bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Lid 2. In het algemeen bestuur zijn de volgende categorieën van belanghebbenden vertegenwoordigd: a. de ingezetenen; b. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; c. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; d. degenen die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte.

Artikel 116 luidt: Voor de toepassing van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: c. natuurterreinen: ongebouwde onroerende zaken waarvan de inrichting en het beheer geheel of nagenoeg geheel en duurzaam zijn afgestemd op het behoud of de ontwikkeling van natuur. Onder natuurterreinen worden mede verstaan bossen en open wateren met een oppervlakte van ten minste één hectare.

Artikel 2 luidt (gedeeltelijk): De bevoegdheid tot regeling van (de) samenstelling van hun bestuur en tot de verdere reglementering van waterschappen behoort aan provinciale staten. De uitoefening van deze bevoegdheid geschiedt bij provinciale verordening.

Artikel 9 Reglement van Bestuur voor het Hoogheemraadschap van Delfland (2015) luidt (gedeeltelijk): 1. Het algemeen bestuur bestaat uit 30 leden. Van deze leden vertegenwoordigen: a. eenentwintig leden de categorie ingezetenen als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter a van de Waterschapswet; b. vier leden de categorie ongebouwd als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter b van de Waterschapswet; c. één lid de categorie natuurterreinen als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter c van de Waterschapswet; d. vier leden de categorie bedrijven als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter d van de Waterschapswet. Lid 2. a. De leden bedoeld in het eerste lid, onder b worden benoemd door de Land- en Tuinbouworganisatie Noord, genoemd in het Besluit vaststellingregio’s. Het lid, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, wordt benoemd door de Vereniging van Bos en Natuurterreineigenaren (de laatste zin treedt pas in werking vanaf 2019).

Artikel 6 Reglement voor Waterschap Rivierenland luidt: Het algemeen bestuur bestaat uit dertig leden. Hiervan vertegenwoordigen: a. tweeëntwintig leden de categorie ingezetenen; b. vier leden de categorie ongebouwd; c. één lid de categorie natuurterreinen; d. drie leden de categorie bedrijven.

Artikel 7 luidt (gedeeltelijk): Benoeming vertegenwoordigers geborgde zetels. Lid 3. Voor de categorie natuurterreinen wordt door de Vereniging van Bos- en Natuurterreineigenaren één vertegenwoordiger benoemd.

Artikel 14 Waterschapswet (gedeeltelijk): Lid 1. 1 De vertegenwoordigers van de categorieën van belanghebbenden, bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdelen b en c, worden benoemd door de daartoe bij reglement aangewezen organisaties. Indien voor een categorie meer dan één organisatie wordt aangewezen wordt bij reglement bepaald op welke wijze de aangewezen organisaties tot een benoeming komen. Lid 3. De organisaties, bedoeld in de voorgaande leden, voorzien tijdig in een regeling omtrent de selectie en de benoeming van de vertegenwoordiger of vertegenwoordigers van de desbetreffende categorie van belanghebbenden en zenden de regeling ter kennisneming aan het waterschapsbestuur. Het waterschapsbestuur maakt de regelingen bekend.

Regeling benoeming waterschapsbestuursleden Natuurterreinen (regeling van de VBNE):

https://repository.officiele-overheidspublicaties.nl/externebijlagen/exb-2018-18125/1/bijlage/exb-2018-18125.pd

Wie kiest vertegenwoordigers bedrijfsleven in bestuur waterschappen?

WOENSDAG 31 OKTOBER 2018 Over een half jaar zijn er weer verkiezingen voor de waterschappen (maart 2019). Waterschappen worden ook wel hoogheemraadschappen genoemd. Wekelijks staat hier een bijdrage over de waterschapsverkiezingen. De bijdrage van deze week gaat over de wijze waarop de vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in het algemeen bestuur worden gekozen.

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur bestaat niet alleen uit vertegenwoordigers van de mensen die in het waterschap wonen (de ingezetenen), maar ook uit vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen land- en tuinbouwgronden en natuurterreinen. Bovendien bestaat het uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in het waterschap. In de waterschappen Delfland (Zuid-Holland) en Rivierenland (grotendeels Gelderland) telt het algemeen bestuur 30 leden. Het algemeen bestuur van een waterschap is enigszins vergelijkbaar met de gemeenteraad.

Opbouw Het algemeen bestuur in Delfland bestaat uit 21 vertegenwoordigers van de ingezetenen, vier vertegenwoordigers van bezitters van de land- en tuinbouwgronden, vier vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en ten slotte één vertegenwoordiger van de bezitters van natuurterreinen. Het algemeen bestuur in Rivierenland bestaat uit 22 vertegenwoordigers van de ingezetenen, vier vertegenwoordigers van de bezitters van de land- en tuinbouwgronden, drie vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en ten slotte één vertegenwoordiger van de bezitters van natuurterreinen. In Rivierenland heeft het bedrijfsleven dus een vertegenwoordiger minder dan Delfland.

Bedrijfsleven De vertegenwoordigers van het bedrijfsleven vertegenwoordigen degenen die gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte en wel krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht (zoals huurders).

De Kamer van Koophandel gaat erover wie de vertegenwoordigers worden van het bedrijfsleven in het algemeen bestuur van het waterschap. De Kamer van Koophandel is een landelijke organisatie die wordt geleid door de Raad van Bestuur. Deze organisatie bestaat uit regio’s. Rivierenland valt (grotendeels) onder de regio Oost en Delfland valt helemaal onder de regio Zuidwest.

Regionale raad Elk van deze regio’s heeft een eigen regionale raad. Het is die regionale raad die voor de waterschappen in die regio de voordracht doet voor de vertegenwoordigers van het bedrijfsleven. In beide regio’s bestaat de regionale raad uit twaalf leden. Daarvan zijn er zes ”aangewezen” door werkgeversorganisaties en drie door werknemersorganisaties (vakbonden). Terzijde: eigenlijk zijn het geen aanwijzingen van deze organisaties, maar slechts negen voordrachten aan de Raad van Bestuur. De Raad van Bestuur benoemt bovendien drie vertegenwoordigers buiten elke voordracht om.

In de Regionale Raad van Zuidwest (waarin Delfland ligt) zijn drie leden aangewezen door MKB-Nederland en drie door VNO-NCW West. En de vakbonden zijn vertegenwoordigd met twee leden aangewezen door CNV en één lid door FNV.

In de Regionale Raad van Oost (waarin Rivierenland ligt) zijn twee leden aangewezen door FNV en één lid door CNV. Wat de werkgeversorganisaties betreft zijn in deze raad alle (zes) leden aangewezen door VNO-NCW én MKB-Nederland gezamenlijk en sommigen bovendien door Transport en Logistiek Nederland, Metaalunie, LTO Noord, Bouwend Nederland, Koninklijke Horeca Nederland en Recron (recreatieve sector).

Voorzitter Elke Regionale Raad wijst uit zijn midden een voorzitter aan.

Totstandkomen voordracht Kandidaten solliciteren bij de regionale raad. Daar maakt de voorzitter een eerste selectie: de kandidaten die niet in het waterschap wonen, minderjarig zijn of die niet aan de profielschets voldoen vallen af. De andere kandidaten worden in beginsel uitgenodigd voor een gesprek. Een van de leden van de regionale raad of een door hen aangewezen functionaris van de Kamer van Koophandel voert de sollicitatiegesprekken waarbij ook een extern adviseur aanwezig moet zijn. De regionale raad vergadert op basis daarvan over de kandidaten. Uiteindelijk komt het tot een voordracht. Daarbij wordt zoveel mogelijk gestreefd naar een unaniem besluit. Als dat niet lukt, voldoet een gewone meerderheid. Elk lid van de regionale raad heeft dan één stem.

Een lid moet stemmen zonder last van of ruggespraak met zijn werkgeversorganisatie of vakbond! En voor een geldige voordracht hoeven slechts twee leden in de vergadering aanwezig te zijn. Zo luidt althans het bestuursreglement voor de (landelijke) Raad van Bestuur; er is een apart bestuursreglement gemaakt voor de regionale raden, maar dat heb ik nergens kunnen vinden; aannemelijk is dat dit hiervan niet zoveel zal afwijken. De voordracht wordt naar de Raad van Bestuur gestuurd, met een schriftelijke motivering waarom een kandidaat wel of niet geschikt is en naar welke drie (Rivierenland) of vier (Delfland) van de geschikte kandidaten de voorkeur uitgaat.

Benoemen De (landelijke) Raad van Bestuur van de Kamer van Koophandel benoemt in elk waterschap de vertegenwoordigers van het bedrijfsleven. In beginsel neemt de Raad van Bestuur de voordracht van de regionale raad over en benoemt dan de kandidaten naar wie de voorkeur van de regionale raad uit gaat. De Raad van Bestuur is daartoe echter niet verplicht. Als de Raad van Bestuur de voordracht niet overneemt, mag de regionale raad een tweede voordracht doen. De Raad van Bestuur neemt hetzij die tweede overdracht wél over hetzij wijkt daarvan af door een of meer andere vertegenwoordigers te benoemen maar dan wel met motivering.

Raad van Bestuur De (landelijke) Raad van Bestuur van de Kamer van Koophandel bestaat uit een voorzitter en (hooguit) vier leden. Zij zijn benoemd door de minister van Economische Zaken. De zittende Raad van Bestuur doet bij vacatures een voordracht. Bij die voordracht wordt gerefereerd aan een profiel; aan de opstelling daarvan is door VNO-NCW, MKB Nederland, FNV, CNV en VMHP (vakcentrale middelbaar en hoger personeel) meegewerkt.

BRONNEN

Artikel 12 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën van belanghebbenden bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Lid 2. In het algemeen bestuur zijn de volgende categorieën van belanghebbenden vertegenwoordigd: a. de ingezetenen; b. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; c. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; d. degenen die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte.

Artikel 2 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): De bevoegdheid tot regeling van (de) samenstelling van hun bestuur en tot de verdere reglementering van waterschappen behoort aan provinciale staten. De uitoefening van deze bevoegdheid geschiedt bij provinciale verordening.

Artikel 9 Reglement van Bestuur voor het Hoogheemraadschap van Delfland (2015) luidt (gedeeltelijk): 1. Het algemeen bestuur bestaat uit 30 leden. Van deze leden vertegenwoordigen: a. eenentwintig leden de categorie ingezetenen als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter a van de Waterschapswet; b. vier leden de categorie ongebouwd als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter b van de Waterschapswet; c. één lid de categorie natuurterreinen als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter c van de Waterschapswet; d. vier leden de categorie bedrijven als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter d van de Waterschapswet. Lid 2. a. De leden bedoeld in het eerste lid, onder b worden benoemd door de Land- en Tuinbouworganisatie Noord, genoemd in het Besluit vaststelling regio’s.

Artikel 6 Reglement voor Waterschap Rivierenland luidt: Het algemeen bestuur bestaat uit dertig leden. Hiervan vertegenwoordigen: a. tweeëntwintig leden de categorie ingezetenen; b. vier leden de categorie ongebouwd; c. één lid de categorie natuurterreinen; d. drie leden de categorie bedrijven.

Artikel 14 Waterschapswet (gedeeltelijk): Lid 2. De vertegenwoordigers van de categorie van belanghebbenden, bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdeel d worden benoemd door de Kamer van Koophandel op voordracht van de regionale raad van de regio van de Kamer van Koophandel, bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de Wet op de Kamer van Koophandel, die gelegen is in het gebied van het desbetreffende waterschap. Indien binnen het gebied van een waterschap meer dan één regio gelegen is, wordt bij reglement bepaald op welke wijze de betrokken regionale raden tot een voordracht komen. Artikel 7, derde en vierde llid, van de Wet op de Kamer van Koophandel, zijn van toepassing op voordracht en benoeming krachtens dit lid met dien verstande dat voor «Onze Minister» telkens wordt gelezen: de Kamer van Koophandel. Lid 3. De organisaties, bedoeld in de voorgaande leden, voorzien tijdig in een regeling omtrent de selectie en de benoeming van de vertegenwoordiger of vertegenwoordigers van de desbetreffende categorie van belanghebbenden en zenden de regeling ter kennisneming aan het waterschapsbestuur. Het waterschapsbestuur maakt de regelingen bekend.

Artikel 7 Wet op de Kamer van Koophandel luidt: Lid 1. De leden van de Kamer worden benoemd op voordracht van de Kamer. Lid 2. De voordracht is met redenen omkleed en wordt gedaan op basis van een door Onze Minister, gehoord de centrale werkgevers- en werknemersorganisaties, vastgesteld profiel. Lid3. Indien een voordracht niet leidt tot benoeming door Onze Minister, wordt een nieuwe voordracht gedaan. Onze Minister kan gemotiveerd afwijken van de tweede voordracht. Lid 4. Onze Minister kan een tijdstip bepalen waarop een voordracht als bedoeld in het tweede of derde lid moet zijn gedaan. Indien op dat tijdstip de voordracht niet is gedaan, kan zonder voordracht worden benoemd.

Artikel 3 Wet op de Kamer van Koophandel luidt (gedeeltelijk): De Kamer stelt regio’s vast en stelt per regio één of meer regionale vestigingen in. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ten aanzien van de instelling en opheffing van regio’s en regionale vestigingen.

Artikel 13 Wet op de Kamer van Koophandel luidt (gedeeltelijk): Er is per regio een regionale raad, bestaande uit ten hoogste twaalf leden. Een regionale raad wijst uit zijn midden een voorzitter aan.

Artikel 14 Wet op de Kamer van Koophandel luidt (gedeeltelijk): Lid 1. De Kamer benoemt, schorst en ontslaat de leden van een regionale raad. Lid 2. Ten hoogste zes uit de kring van ondernemers afkomstige leden worden benoemd op voordracht van de regionale werkgeversorganisaties. Lid 3. Ten hoogste drie uit de kring van werknemers afkomstige leden worden benoemd op voordracht van de regionale werknemersorganisaties. Lid 4. Ten hoogste drie overige leden worden zonder voordracht benoemd in het belang van een evenwichtige samenstelling van de raad dan wel in het belang van in de raad aanwezige deskundigheid op het gebied van ondernemen en innovatie. Lid 5. Voordrachten zijn met redenen omkleed en worden gedaan in overeenstemming met een door de Kamer, gehoord de regionale werkgevers- en werknemersorganisaties, vastgesteld profiel.

Artikel 2 van de Regeling omtrent de selectie en benoeming van vertegenwoordigers van de categorie Bedrijven in het algemeen bestuur van een waterschap door de Kamer van Koophandel (Regio Zuidwest) en (tevens) van de Regeling benoeming waterschapsbestuursleden Bedrijven (Regio Oost) luiden (gedeeltelijk): Lid 1. Een kandidaat dient: ingezetene te zijn van het betreffende waterschap of te verklaren dat hij/zij voornemens is zich bij benoeming te vestigen in het gebied van het betreffende waterschap; de leeftijd van achttien jaren te hebben bereikt op het tijdstip van het lidmaatschap van het algemeen bestuur van het waterschap. Lid 2. Daarnaast dient een kandidaat tevens te voldoen aan de eisen, zoals beschreven in de door de Raad van Bestuur vastgestelde profielschets.

Artikel 3 daarvan luidt (gedeeltelijk): Lid 6. De Kamer van Koophandel beoordeelt of de ontvangen kandidaatstelling aan de gestelde eisen voldoet en stelt de belangstellende zo snel mogelijk in kennis van eventuele onvolkomenheden, met het verzoek de ontbrekende of onjuiste gegevens per omgaande aan te leveren. Indien dit niet mogelijk is of niet tijdig geschiedt, wordt de kandidaatstelling buiten behandeling gelaten. Lid 7. De voorzitter van de regionale raad stelt de definitieve lijst van de kandidaten vast. Lid 8. De regionale raad nodigt in beginsel alle kandidaten, die op de in lid 7 van dit artikel bedoelde lijst staan, uit voor een individueel gesprek. De regionale raad kan hier echter om haar moverende re-denen van afwijken. Uitgenodigde kandidaten krijgen de gelegenheid hun kandidatuur mondeling toe te lichten. Dit gesprek wordt namens de regionale raad gevoerd door een van leden van de regionale raad of een directeur dienstverlening van de Kamer van Koophandel, bijgestaan door een KvK-adviseur. Daarnaast neemt er bij voorkeur minimaal één extern adviseur deel aan het gesprek. De gesprekken hebben een besloten karakter. Lid 9. De regionale raad legt na afronding van de selectieprocedure haar bevindingen vast in een schriftelijk gemotiveerde voordracht aan de Raad van Bestuur.

Artikel 6 van het Bestuursreglement Kamer van Koophandel luidt (gedeeltelijk): De leden bevorderen dat zij, voorafgaand aan besluitvorming door de Kamer, in de gelegenheid zijn gesteld, hun standpunt onder elkaars aandacht te brengen. De leden hebben ieder één stem. De leden stemmen zonder last of ruggespraak. De leden bevorderen zoveel mogelijk dat besluiten van de Kamer bij unanimiteit worden genomen. Indien unanimiteit niet haalbaar blijkt, worden de besluiten genomen bij gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen.

Artikel 6 Wet op de Kamer van Koophandel luidt (gedeeltelijk): De Kamer bestaat uit een voorzitter en ten hoogste vier overige leden. De leden oefenen hun functie uit zonder last of ruggespraak.

Artikel 7 Wet op de Kamer van Koophandel luidt (gedeeltelijk): Lid 1. De leden van de Kamer worden benoemd op voordracht van de Kamer. Lid 2. De voordracht is met redenen omkleed en wordt gedaan op basis van een door Onze Minister, gehoord de centrale werkgevers- en werknemersorganisaties, vastgesteld profiel. Lid3. Indien een voordracht niet leidt tot benoeming door Onze Minister, wordt een nieuwe voordracht gedaan. Onze Minister kan gemotiveerd afwijken van de tweede voordracht. Lid 4. Onze Minister kan een tijdstip bepalen waarop een voordracht als bedoeld in het tweede of derde lid moet zijn gedaan. Indien op dat tijdstip de voordracht niet is gedaan, kan zonder voordracht worden benoemd.

Artikel 2 Uitvoeringsregeling Wet op de Kamer van Koophandel luidt (gedeeltelijk): Als centrale werkgevers- en werknemersorganisaties als bedoeld in de wet worden aangewezen: a. de Vereniging VNO-NCW; b. de Koninklijke Vereniging MKB-Nederland; c. de Federatie Nederlandse Vakbeweging; d. het Christelijk Nationaal Vakverbond; e. de Vakcentrale Middelbaar en Hoger Personeel.

LTO en de waterschappen

WOENSDAG 17 OKTOBER 2018 Over een half jaar zijn er weer verkiezingen voor de waterschappen (maart 2019). Waterschappen worden ook wel hoogheemraadschappen genoemd. Wekelijks staat hier een bijdrage over de waterschapsverkiezingen. De bijdrage van deze week gaat over de wijze waarop de vertegenwoordigers van de bezitters van land- en tuinbouwgronden in het algemeen bestuur worden gekozen.

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur bestaat niet alleen uit vertegenwoordigers van de mensen die in het waterschap wonen (de ingezetenen), maar ook uit vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen land- en tuinbouwgronden en natuurterreinen. Bovendien bestaat het algemeen bestuur uit vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen natuurterreinen en uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in het waterschap. In de waterschappen Delfland (Zuid-Holland) en Rivierenland (grotendeels Gelderland) telt het algemeen bestuur 30 leden. Het algemeen bestuur van een waterschap is enigszins vergelijkbaar met de gemeenteraad.

Land– en tuinbouwgronden In Delfland en Rivierenland zijn 4 van de 30 leden van het algemeen bestuur vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen land- en tuinbouwgronden. Die vier worden niet gekozen door burgers, maar door organisaties. De provincie wijst aan welke organisaties dat zijn. Zuid-Holland heeft in Delfland LTO Noord aangewezen als de organisatie door wie zij alle vier worden gekozen; de afkorting LTO staat voor Land- en Tuinbouworganisatie. Gelderland heeft in Rivierenland twee organisaties aangewezen die elk twee vertegenwoordigers kiezen: diezelfde LTO Noord en nog een andere organisatie, namelijk ZLTO; dat is de officiële afkorting voor Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie.

LTO-Noord en ZLTO De aangewezen organisaties moeten een regeling maken over de wijze waarop zij de vertegenwoordigers gaan kiezen. ZLTO en LTO-Noord hebben in Rivierenland gezamenlijk een regeling gemaakt. De regeling in Delfland en de (gezamenlijke) regeling in Rivierenland zijn – als ik het goed zie – identiek. Wat staat erin?

Kandidaten Ten eerste over degene die zich kandidaat willen stellen om vertegenwoordiger te worden. Een kandidaat moet in elk geval 18 jaar of ouder zijn en in het waterschap wonen. Verder moet hij of zij affiniteit hebben met land- en tuinbouw en met het werkveld van het waterschap. Zij of hij moet ook voldoende tijd hebben. Iemand die kandidaat wil worden, moet solliciteren.

Selectiecommissie Elk van de organisaties stelt een eigen selectiecommissie in. Die commissie bestaat uit 3 tot 5 leden. Daaraan kunnen nog een of meer extern adviseurs worden toegevoegd, zoals een bestuurslid van het waterschap (mits hij of zij niet herverkiesbaar is). Er wordt een secretaris toegevoegd, die een eerste selectie maakt door de sollicitanten eruit te halen die niet aan de eisen voldoen. Daarna gaat de selectiecommissie aan de slag met de overige kandidaten. Zij kan kandidaten uitnodigen voor een gesprek.

Voorzitter De commissie kiest uit haar midden een voorzitter; dat moet iemand zijn die afkomstig is uit de organisaties van LTO-Noord of ZLTO. Minstens één van de commissieleden zal dus uit die organisaties afkomstig moeten zijn!

Advies Uiteindelijk komt de selectiecommissie tot een schriftelijk advies. Daarin worden 4 kandidaten voorgedragen om te worden benoemd (Delfland) of twee keer twee kandidaten (Rivierenland). Het advies moet schriftelijk zijn gemotiveerd. Het advies hoeft niet unaniem te zijn; de meerderheid van de aanwezige selectiecommissieleden voldoet. Bovendien hoeft niet iedereen aanwezig te zijn; voldoende is als de meerderheid aanwezig is. Als de commissie uit vijf leden bestaat, hoeven dus slechts drie leden aanwezig te zijn bij het nemen van besluiten, zoals vaststelling van het advies. Als er drie leden aanwezig zijn, kan dus met twee leden het advies worden vastgesteld.

Benoeming Het schriftelijk advies wordt gegeven aan de besturen van LTO-Noord en ZLTO. Die besturen maken de keuze uit de kandidaten. Ze kunnen ervoor kiezen om het advies van de selectiecommissie helemaal over te nemen en de vier of twee keer twee voorgestelde kandidaten te benoemen. Maar ze kunnen er ook voor kiezen om dat niet te doen en een of meer andere kandidaten te benoemen. Een lijst met de sollicitaties van alle kandidaten (groslijst) wordt aan het advies toegevoegd. De voorzitter van de selectiecommissie mag in de bestuursvergadering een mondelinge toelichting geven op het advies.

BRONNEN

Artikel 12 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën van belanghebbenden bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Lid 2. In het algemeen bestuur zijn de volgende categorieën van belanghebbenden vertegenwoordigd: a. de ingezetenen; b. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; c. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; d. degenen die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte.

Artikel 14 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. De vertegenwoordigers van de categorieën van belanghebbenden, bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdelen b en c, worden benoemd door de daartoe bij reglement aangewezen organisaties of, voor zover daarin bij reglement nog niet is voorzien, een door Onze Minister aangewezen organisatie. Lid 3. De organisaties, bedoeld in de voorgaande leden, voorzien tijdig in een regeling omtrent de selectie en de benoeming van de vertegenwoordiger of vertegenwoordigers van de desbetreffende categorie van belanghebbenden en zenden de regeling ter kennisneming aan het waterschapsbestuur. Het waterschapsbestuur maakt de regelingen bekend.

Artikel 2 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): De bevoegdheid tot regeling van (de) samenstelling van hun bestuur en tot de verdere reglementering van waterschappen behoort aan provinciale staten. De uitoefening van deze bevoegdheid geschiedt bij provinciale verordening.

Artikel 9 Reglement van Bestuur voor het Hoogheemraadschap van Delfland (2015) luidt (gedeeltelijk): 1. Het algemeen bestuur bestaat uit 30 leden. Van deze leden vertegenwoordigen: a. eenentwintig leden de categorie ingezetenen als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter a van de Waterschapswet; b. vier leden de categorie ongebouwd als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter b van de Waterschapswet; c. één lid de categorie natuurterreinen als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter c van de Waterschapswet; d. vier leden de categorie bedrijven als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter d van de Waterschapswet. Lid 2. a. De leden bedoeld in het eerste lid, onder b worden benoemd door de Land- en Tuinbouworganisatie Noord, genoemd in het Besluit vaststelling regio’s.

Artikel 6 Reglement voor Waterschap Rivierenland luidt: Het algemeen bestuur bestaat uit dertig leden. Hiervan vertegenwoordigen: a. tweeëntwintig leden de categorie ingezetenen; b. vier leden de categorie ongebouwd; c. één lid de categorie natuurterreinen; d. drie leden de categorie bedrijven.

Artikel 7 Reglement voor Waterschap Rivierenland luidt (gedeeltelijk): Voor de categorie ongebouwd worden door de Land- en Tuinbouw Organisatie Noord twee vertegenwoordigers en de Zuidelijke Land- en Tuinbouw Organisatie twee vertegenwoordigers benoemd.

Regeling benoeming bestuursleden in de categorie ongebouwd van het waterschapsbestuur door het bestuur van LTO Noord (Delfland): artikelen 2 tot en met 5 https://zoek.officielebekendmakingen.nl/wsb-2018-3212.html

Regeling benoeming waterschapsbestuursleden Ongebouwd (Rivierenland): artikelen 2 tot en met 5 https://zoek.officielebekendmakingen.nl/wsb-2018-3187.html

Waterschapsverkiezingen 2019: de voorkeursstem telt wel, maar wordt niet altijd meegeteld

WOENSDAG 10 OKTOBER 2018 Over ruim een half jaar zijn er weer verkiezingen voor de waterschappen (20 maart 2019). Waterschappen worden ook wel hoogheemraadschappen genoemd. Wekelijks volgt hier een bijdrage over waterschap of waterschapsverkiezing. De waterschapsverkiezing gaat over het kiezen van het algemeen bestuur daarvan. Vorige week ging het over de eisen die de wet aan de kiezer stelt stelt. Deze week gaat het over de voorkeursstem die zij kan uitbrengen.

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur is enigszins vergelijkbaar met de gemeenteraad. Het bestaat niet alleen uit vertegenwoordigers van de mensen die in het waterschap wonen (de ingezetenen), maar ook uit vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen landbouwgronden en natuurterreinen en uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in het waterschap. Er zitten dus vier categorieën vertegenwoordigers in het algemeen bestuur. De burger kiest alleen de vertegenwoordigers van de ingezetenen; deze categorie heeft de absolute meerderheid in het algemeen bestuur. Mijn bijdrage van deze week gaat alleen over die verkiezingen.

Delfland Het algemene bestuur van het (Zuid-Hollandse) Hoogheemraadschap Delfland bestaat uit 30 leden. Daarvan zijn er 21 gekozen door de burger. In Delfland hebben bij de verkiezingen in 2015 acht partijen meegedaan aan de verkiezingen; ze hebben allemaal een of meer zetels gehaald.

Actief kiesrecht Het recht om bij verkiezingen te stemmen heet het actief kiesrecht. Daar tegenover staat het passief kiesrecht: het recht van kandidaten om bij verkiezingen gekozen te worden.

Voorkeursstem De kiezer brengt haar stem uit door op het stembiljet één wit stipje voor een kandidaat rood te maken. De kiezer stemt dus altijd op een kandidaat. Zij brengt dus altijd een voorkeursstem uit. De meeste kiezers maken het witte stipje voor de bovenste kandidaat (de lijsttrekker) rood. Veel kiezers willen daarmee alleen aangeven dat ze op die kandidatenlijst stemmen, en niet zo zeer op die kandidaat. Juridisch is echter ook de stem op de lijsttrekker altijd een voorkeursstem. De meeste kiezers stemmen op de lijsttrekker, maar er zijn ook veel kiezers die (bewust) op een andere kandidaat stemmen.

Volgorde doorbreken Zo’n voorkeursstem op een andere kandidaat heeft zin. Voorkeursstemmen kunnen namelijk de lijstvolgorde doorbreken die de (politieke) partij heeft vastgesteld. Zonder voorkeursstemmen worden alle (op de lijsttrekker uitgebrachte) stemmen die de lijsttrekker zelf niet nodig heeft verdeeld over de andere kandidaten in de volgorde waarop zij op de lijst staan. Voorkeursstemmen die worden uitgebracht op een andere kandidaat, kunnen de lijstvolgorde doorbreken. De zetel in het algemeen bestuur gaat dan niet naar de volgende kandidaat op de lijst maar naar de kandidaat met voorkeursstemmen, ongeacht welke plek hij of zij inneemt op die lijst.

25% De kandidaat met de meeste voorkeursstemmen krijgt de zetel in het algemeen bestuur. Maar alleen kandidaten die een minimumaantal voorkeursstemmen hebben gekregen komen in aanmerking. Het minimumaantal voorkeursstemmen is 25% van de kiesdeler.

Kiesdeler De kiesdeler is het aantal stemmen dat een kandidatenlijst nodig heeft om één zetel te krijgen. Bij de laatste verkiezingen in het hoogheemraadschap Delfland was de kiesdeler (iets meer dan) 16000 stemmen. Een kandidatenlijst die hier één keer de kiesdeler haalde, heeft dus meer dan 16000 stemmen gekregen (en minder dan 32000 stemmen). Die lijst krijgt één zetel. Een kandidatenlijst die vier keer de kiesdeler heeft gehaald, krijgt dus vier zetels. In Delfland hebben VVD en Algemene Waterschapspartij Delfland elk vier zetels gekregen. Als een lijst twee keer de kiesdeler heeft gehaald, dan krijgt die lijst dus twee zetels, zoals het geval was met Partij voor de Dieren.

25% van de kiesdeler Welke kandidaten op een lijst een zetel krijgen, hangt er onder andere van af of er een kandidaat is die voldoende voorkeursstemmen heeft gekregen. Voldoende is hier dus: 25% van de kiesdeler. Bij de verkiezingen in het hoogheemraadschap Delfland is dat dus (iets meer dan) 4000 voorkeursstemmen. Als geen enkele kandidaat 4000 of meer voorkeursstemmen heeft, dan bepaalt alleen de lijstvolgorde naar wie de zetel(s) gaan. Als die kandidaten er wel zijn, dan wordt de lijstvolgorde doorbroken en gaan de zetels naar deze kandidaten. Als op (alle kandidaten gezamenlijk van) een lijst onvoldoende stemmen zijn uitgebracht om alle kandidaten met voldoende voorkeursstemmen een zetel te geven, dan gaan de zetels naar de kandidaten die de meeste voorkeursstemmen hebben gehaald.

Delfland Bij de laatste verkiezingen in Delfland hebben alle acht kandidatenlijsten (partijen) die aan de verkiezingen deelnamen, een of meer zetels gekregen. Op twee van die lijsten heeft een kandidaat dankzij voldoende voorkeursstemmen een zetel gekregen. Een kandidaat op de lijst van de VVD heeft ruim 4000 voorkeursstemmen gekregen en op de lijst van de Partij voor de Dieren heeft een kandidaat bijna 7000 stemmen gekregen. Chapeau! Die twee zijn gekozen in het algemeen bestuur, met doorbreking van de lijstvolgorde zoals hun partijen die hadden vastgesteld. Hun zetel is respectievelijk ten koste gegaan van de nummer 4 (VVD) en nummer 2 (Partij voor de Dieren) op de lijst.

Alleen met 25% van de kiesdeler Wie weliswaar voorkeursstemmen krijgt maar minder dan 25% van de kiesdeler, kan de lijstvolgorde dus niet doorbreken. Dat heeft tot gevolg dat zetels naar hoger op de lijst geplaatste kandidaten gaan die minder (of helemaal geen) voorkeursstemmen hebben dan lager geplaatste kandidaten. Bij de laatste verkiezingen in Delfland was dat bij de meeste partijen ook daadwerkelijk het geval voor een of meer kandidaten. Zo ging bij het CDA de derde en laatste zetel niet naar de nummer 12 op de lijst hoewel deze kandidaat bijna 50% meer voorkeursstemmen had. En bij de PvdA ging de derde en laatste zetel naar de kandidaat die minder voorkeursstemmen had dan zes van de acht andere kandidaten op de lijst. Onder hen waren kandidaten met twee keer en zelfs drie keer zoveel voorkeursstemmen. Zuur voor die andere kandidaten, maar zo is de wet!

BRONNEN

Artikel 10 Waterschapswet luidt: Lid 1. Het bestuur van een waterschap bestaat uit een algemeen bestuur, een dagelijks bestuur en een voorzitter, onverminderd hetgeen het reglement bepaalt over de benaming van die onderscheidene bestuursorganen. Lid 2. De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur.

Artikel 12 luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën van belanghebbenden bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Lid 2. In het algemeen bestuur zijn de volgende categorieën van belanghebbenden vertegenwoordigd: a. de ingezetenen; b. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; c. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; d. degenen die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte.

Artikel A 1 Kieswet luidt (gedeeltelijk): In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: algemeen bestuur: vertegenwoordigend orgaan van een waterschap voor zover het leden betreft van de categorie, bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdeel a, van de Waterschapswet.

Artikel J 26 luidt: De kiezer gaat na ontvangst van het stembiljet naar een stemhokje en stemt aldaar door een wit stipje, geplaatst vóór de kandidaat van zijn keuze, rood te maken.

Artikel P 15 luidt (gedeeltelijk): In de volgorde van de aantallen op hen uitgebrachte stemmen zijn gekozen die kandidaten die op de gezamenlijke lijsten waarop zij voorkomen, een aantal stemmen hebben verkregen, groter dan 25% van de kiesdeler, voor zover aan de lijst voldoende zetels zijn toegewezen. Indien aantallen gelijk zijn, beslist zo nodig het lot.

Artikel P 17 luidt (gedeeltelijk): De zetels, toegewezen aan de lijsten, die na toepassing van de artikelen P 15 en P 16 nog niet aan een kandidaat zijn toegewezen, worden aan de nog niet gekozen kandidaten van de desbetreffende lijsten toegewezen in de volgorde van de lijst.

Artikel P 5 luidt (gedeeltelijk): Het centraal stembureau deelt de som van de stemcijfers van alle lijsten door het aantal te verdelen zetels. Het aldus verkregen quotiënt wordt kiesdeler genoemd.

Artikel O 2 luidt (gedeeltelijk): Het hoofdstembureau stelt ten aanzien van iedere lijst vast het aantal op iedere kandidaat uitgebrachte stemmen en de som van deze aantallen. Deze som wordt stemcijfer genoemd.

Waterschapsverkiezingen 2019: het actief kiesrecht

WOENSDAG 3 OKTOBER 2018 Over ruim een half jaar zijn er weer verkiezingen voor de waterschappen (20 maart 2019). Waterschappen worden ook wel hoogheemraadschappen genoemd. Wekelijks volgt hier een bijdrage over waterschap of waterschapsverkiezing. De waterschapsverkiezing gaat over het kiezen van het algemeen bestuur daarvan. Vorige week ging het onder andere over de wettelijke eisen die aan kandidaten voor het algemeen bestuur worden gesteld. Deze week gaat het over de eisen die de wet aan de kiezer stelt.

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur is enigszins vergelijkbaar met de gemeenteraad. Het bestaat niet alleen uit vertegenwoordigers van de mensen die in het waterschap wonen (de ingezetenen), maar ook uit vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen landbouwgronden en natuurterreinen en uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in het waterschap. Er zitten dus vier categorieën vertegenwoordigers in het algemeen bestuur. De burger kiest alleen de vertegenwoordigers van de ingezetenen; deze categorie heeft de absolute meerderheid in het algemeen bestuur. Mijn bijdrage van deze week gaat alleen over die verkiezingen. Deze alinea is op 4 oktober toegevoegd.

Actief kiesrecht Het recht om bij verkiezingen te stemmen heet het actief kiesrecht. Daar tegenover staat het passief kiesrecht: het recht van kandidaten om bij verkiezingen gekozen te worden.

Wonen in het waterschap De kiezer moet op maandag 4 februari 2019 in het waterschap wonen. Wie op die dag in de gemeentelijke basisregistratie is ingeschreven met een adres, wordt vermoed daar te wonen. Wie woont in het waterschap, is ingezetene van dat waterschap. Deze dag – die enkele weken voorafgaat aan de verkiezingsdag – is de peildatum.

18 jaar De kiezer moet op de dag dat er gestemd wordt (verkiezingsdag: 20 maart) 18 jaar of ouder zijn.

Nederlander? De kiezer die de Nederlandse nationaliteit heeft, mag uiteraard gaan stemmen. Echter, het Nederlanderschap is geen vereiste. Sommige vreemdelingen – dat is al wie een andere nationaliteit heeft of zonder enige nationaliteit is – mogen ook stemmen.

EU-burgers Alle vreemdelingen met de nationaliteit van een land van de Europese Unie mogen zonder meer stemmen. Duitsers, Belgen, Fransen, Britten (!) enzovoorts mogen dus stemmen.

Vluchtelingen Ook vluchtelingen met een verblijfsvergunning en hun gezinsleden mogen stemmen. Datzelfde geldt ook bijvoorbeeld voor degenen die hier met de benodigde vergunningen werken of studeren (zoals aan een universiteit). Asielzoekers die nog ”in de procedure” zijn, mogen echter niet stemmen.

Gemeenteraadsverkiezingen Het maakt voor het actief kiesrecht bij de waterschapsverkiezingen niet uit hoelang een vreemdeling hier te lande heeft gewoond, gewerkt of gestudeerd. Dat is een verschil met het actief kiesrecht bij de gemeenteraadsverkiezingen: vreemdelingen hebben bij die verkiezingen alleen stemrecht als ze al vijf jaar over een verblijfsvergunning beschikken. Echter, ook voor de gemeenteraadsverkiezingen wordt die eis weer niet gesteld aan EU-burgers.

BRONNEN

Artikel 10 Waterschapswet luidt: Lid 1. Het bestuur van een waterschap bestaat uit een algemeen bestuur, een dagelijks bestuur en een voorzitter, onverminderd hetgeen het reglement bepaalt over de benaming van die onderscheidene bestuursorganen. Lid 2. De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur.

Artikel 12 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën van belanghebbenden bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Lid 2. In het algemeen bestuur zijn de volgende categorieën van belanghebbenden vertegenwoordigd: a. de ingezetenen; b. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; c. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; d. degenen die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte.

Artikel B 2a Kieswet luidt (gedeeltelijk): De leden van het algemeen bestuur worden gekozen door degenen die op de dag van de kandidaatstelling ingezetenen zijn van het waterschap en op de dag van de stemming de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt. Artikel B 3, tweede lid, aanhef en onderdeel a is van toepassing.

Artikel F 1 Kieswet luidt (gedeeltelijk): De kandidaatstelling voor de verkiezing van de leden van het algemeen bestuur vindt plaats op de maandag in de periode van 30 januari tot en met 5 februari.

Artikel B 4 Kieswet luidt (gedeeltelijk): Onder ingezetenen van het waterschap en van de gemeente verstaat deze wet hen die onderscheidenlijk in het waterschap en in de gemeente werkelijke woonplaats hebben. Zij die als ingezetene met een adres in een gemeente zijn ingeschreven in de basisregistratie personen, worden voor de toepassing van deze wet, behoudens bewijs van het tegendeel, geacht werkelijke woonplaats te hebben in die gemeente. Zij die als ingezetene met een adres zijn ingeschreven in de basisregistratie personen, worden voor de toepassing van deze wet, behoudens bewijs van het tegendeel, geacht werkelijke woonplaats te hebben in het waterschap waaronder dat adres valt.

Artikel B 3 Kieswet, tweede lid, aanhef en onderdeel a luidt (gedeeltelijk): Zij die geen onderdaan van een lidstaat van de Europese Unie zijn, dienen om kiesgerechtigd te zijn op de dag van de kandidaatstelling tevens te voldoen aan de vereisten dat zij rechtmatig in Nederland verblijven op grond van artikel 8, onder a, b, c, d, e of l van de Vreemdelingenwet 2000 of op grond van een verdrag tussen een internationale organisatie en de Staat der Nederlanden.

Artikel B 3 Kieswet, tweede lid, aanhef en onderdeel b luidt (gedeeltelijk): Zij die geen onderdaan van een lidstaat van de Europese Unie zijn, dienen om kiesgerechtigd te zijn op de dag van de kandidaatstelling tevens te voldoen aan de vereisten dat zij onmiddellijk voorafgaand aan de dag van de kandidaatstelling gedurende een onafgebroken periode van ten minste vijf jaren ingezetene van Nederland waren en beschikten over een verblijfsrecht als bedoeld onder a.

 

Waterschapsverkiezingen 2019: eisen voor de kandidaten

WOENSDAG 26 SEPTEMBER 2018 Over ruim een half jaar zijn er weer verkiezingen voor de waterschappen (maart 2019). Waterschappen worden ook wel hoogheemraadschappen genoemd. Wekelijks volgt hier een bijdrage over waterschap of verkiezing. De waterschapsverkiezing gaat over het kiezen van het algemeen bestuur. Vorige week ging de bijdrage over de wijze waarop in (het Zuid-Hollandse waterschap) Delfland de kandidatenlijst tot stand komt van een partij die geen landelijke politieke partij is zoals VVD en GroenLinks. Deze week gaat het over de eisen die wet en partij aan de kandidaten op een lijst stellen.

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur is enigszins vergelijkbaar met de gemeenteraad. Het bestaat niet alleen uit vertegenwoordigers van de mensen die in het waterschap wonen (de ingezetenen), maar ook uit vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen landbouwgronden en natuurterreinen en uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in het waterschap. Er zitten dus vier categorieën vertegenwoordigers in het algemeen bestuur. De burger kiest alleen de vertegenwoordigers van de ingezetenen; deze categorie heeft de absolute meerderheid in het algemeen bestuur. Mijn bijdrage van deze week gaat alleen over die verkiezingen.

Delfland Het algemene besturen bestaan uit 30 leden. Daarvan zijn er 21 gekozen door de burger. In Delfland hebben bij die verkiezingen in 2015 acht partijen meegedaan aan de verkiezingen; ze hebben allemaal een of meer zetels gehaald.

Kieswet De Kieswet eist van een kandidaat dat zij woont of gaat wonen in het gebied van het waterschap. Een andere eis is bijvoorbeeld dat ze slechts op de kandidatenlijst van één partij voorkomt.

Waterschapswet De Waterschapswet eist dat de kandidaat minstens 18 jaar oud is. Ze mag geen ambtenaar zijn bij het waterschap. Verder mag ze bijvoorbeeld geen lid zijn van provinciale staten of zich als provincieambtenaar bezighouden met waterschappen.

Schrappen Wie niet aan een van de drie eerste eisen voldoet, wordt van de kandidatenlijst geschrapt. De overheid – het Centraal Stembureau – onderzoekt die lijsten voordat ze ze publiceert.

Algemene Waterschapspartij Delfland De Algemene Waterschapspartij Delfland is een afdeling van de Algemene Waterschapspartij. In haar Reglement ten aanzien van de vaststelling van de kandidatenlijst voor de waterschapsverkiezingen op 20 maart 2019 heb ik als enige echt harde eis gevonden dat een kandidaat lid moet zijn van de Algemene Waterschapspartij én zijn contributie moet hebben betaald (artikel 13).

BRONNEN

Artikel 10 Waterschapswet luidt: Lid 1. Het bestuur van een waterschap bestaat uit een algemeen bestuur, een dagelijks bestuur en een voorzitter, onverminderd hetgeen het reglement bepaalt over de benaming van die onderscheidene bestuursorganen. Lid 2. De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur.

Artikel 12 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën van belanghebbenden bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Lid 2. In het algemeen bestuur zijn de volgende categorieën van belanghebbenden vertegenwoordigd: a. de ingezetenen; b. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; c. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; d. degenen die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte.

Artikel A 1 Kieswet luidt (gedeeltelijk): In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: algemeen bestuur: vertegenwoordigend orgaan van een waterschap voor zover het leden betreft van de categorie, bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdeel a, van de Waterschapswet.

Artikel H 7 Kieswet luidt: Lid 1. De naam van een kandidaat mag niet voorkomen op een lijst, indien de kandidaat tijdens de zittingsperiode van het orgaan waarvoor de verkiezing zal plaatshebben, niet de voor het zitting nemen in dat orgaan vereiste leeftijd zal bereiken. Lid 2. De naam van eenzelfde kandidaat mag niet voorkomen op meer dan één van de lijsten welke voor eenzelfde kieskring zijn ingeleverd. Lid 3. Indien voor de verkiezing van de leden van provinciale staten, de leden van het algemeen bestuur of de gemeenteraad op een lijst de naam voorkomt van een kandidaat die geen ingezetene is van de provincie, het waterschap, onderscheidenlijk de gemeente, dient bij de lijst te worden overgelegd een door die kandidaat ondertekende verklaring, waaruit blijkt, dat hij voornemens is zich bij benoeming te vestigen in de provincie, het waterschap, onderscheidenlijk de gemeente.

Artikel B 4 Kieswet luidt (gedeeltelijk): Onder ingezetenen van Nederland, van de provincie, van het waterschap en van de gemeente verstaat deze wet hen die onderscheidenlijk in Nederland, in de provincie, in het waterschap en in de gemeente werkelijke woonplaats hebben.

Artikel I 6 Kieswet luidt (gedeeltelijk): Het centraal stembureau schrapt, in de volgorde in dit lid aangewezen, van de lijst voor een kieskring de naam van de kandidaat: d. die tijdens de zittingsperiode van het orgaan waarvoor de verkiezing zal plaatshebben, niet de voor het zitting nemen in dat orgaan vereiste leeftijd bereikt; e. die bij een verkiezing van de leden van het algemeen bestuur geen ingezetene is van het waterschap (..); g. die voorkomt op meer dan één van de lijsten; h. van wie een uittreksel uit het register van overlijden dan wel een afschrift van de akte van overlijden is overgelegd.

Artikel 31 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Voor het lidmaatschap van het algemeen bestuur is vereist dat men ingezetene is, de leeftijd van achttien jaren heeft bereikt. Een lid van het algemeen bestuur is niet tevens h. lid van provinciale staten; o. ambtenaar, door of vanwege het waterschapsbestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt; p. ambtenaar, door of vanwege de provincie aangesteld, tot wiens taak behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op het waterschap; q. lid van het algemeen bestuur of van het dagelijks bestuur van een ander waterschap.

Reglement ten aanzien van de vaststelling van de kandidatenlijst voor de waterschapsverkiezingen op 20 maart 2019 van de Algemene Waterschapspartij is te vinden op:

https://www.algemenewaterschapspartij.nl/uploads/20171028-03%20Kiesreglement%20AWP%202019%20ALV%2028_10_2017.pdf

Hoe kandidatenlijst in Algemene Waterschapspartij Delfland tot stand komt

WOENSDAG 19 SEPTEMBER 2018 Over ruim een half jaar zijn er weer verkiezingen voor de waterschappen (maart 2019). Waterschappen worden ook wel hoogheemraadschappen genoemd. Wekelijks schrijf ik hierover een bijdrage. Vorige week over de eisen die aan de partijen worden gesteld die aan de waterschapsverkiezingen voor het algemeen bestuur meedoen. Vandaag volgt een bespreking van de wijze waarop in (het Zuid-Hollandse) Delfland en (het grotendeels Gelderse) Rivierenland de kandidatenlijst tot stand komt van een partij die geen politieke partij is. Onbesproken blijven dus de politieke partijen zoals VVD, CDA en PvdA die overigens wel meedoen aan deze verkiezingen.

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur is enigszins vergelijkbaar met de gemeenteraad. Het bestaat niet alleen uit vertegenwoordigers van de mensen die in het waterschap wonen (de ingezetenen), maar ook uit vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen landbouwgronden en natuurterreinen en uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in het waterschap. Er zitten dus vier categorieën vertegenwoordigers in het algemeen bestuur. De burger kiest alleen de vertegenwoordigers van de ingezetenen; deze categorie heeft de absolute meerderheid in het algemeen bestuur.

Delfland en Rivierenland Hun algemene besturen bestaan uit 30 leden. Daarvan zijn er respectievelijk 21 en 22 gekozen door de burger. In Delfland hebben acht partijen meegedaan aan de verkiezingen in 2015; ze hebben allemaal een of meer zetels gehaald. In Rivierenland hebben twaalf partijen meegedaan; daarvan hebben er tien een of meer zetels gehaald.

Kieswet De eisen die aan de partijen bij de verkiezingen worden gesteld, zijn geregeld in de Kieswet. Een van de eisen is dat de partij een via de notaris opgerichte vereniging met volledige rechtsbevoegdheid is of een stichting is. Een partij die aan de eisen voldoet, ziet haar naam of een andere door haar gekozen naam terug boven de kandidatenlijst op het stembiljet. Het is onder die naam dat een partij campagne heeft gevoerd en daardoor bij de kiezer bekend kan zijn.

Partijen Ik bespreek hieronder alleen de Algemene Waterschapspartij Delfland, omdat op Internet over Water Natuurlijk en Lokale Regiobelangen Rivierenland niet genoeg informatie staat.

Algemene Waterschapspartij Delfland Deze partij is geen vereniging met volledige rechtsbevoegdheid of stichting. Het is een afdeling van de Algemene Waterschapspartij. De Algemene Waterschapspartij is wél een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid. Het is een landelijke vereniging. De partij is niet alleen vertegenwoordigd in het algemeen bestuur van het waterschap Delfland maar bijvoorbeeld ook in dat van het (Brabantse) De Dommel en het (Gelderse) Aa en Maas. In Delfland heeft de vereniging in 2015 gekozen voor de naam Algemene Waterschapspartij Delfland op het stembiljet, terwijl zij toen in De Dommel en Aa en Maas voor slechts Algemene Waterschapspartij heeft gekozen.

Op de site van de Algemene Waterschapspartij heb ik uitsluitend het huishoudelijk reglement en het Reglement ten aanzien van de vaststelling van de kandidatenlijst voor de waterschapsverkiezingen op 20 maart 2019 van de vereniging Algemene Waterschapspartij (hieronder afgekort tot het Reglement) gevonden.

Landelijk Bestuur Het landelijk bestuur heeft het Reglement vastgesteld. Dat is in overeenstemming met het huishoudelijk reglement. Het landelijk bestuur is gekozen door de leden. Elk lid had één stem bij die verkiezing.

Het afdelingsbestuur In waterschappen waarin de partij met veel leden actief is, is er een afdeling en een afdelingsbestuur. Een voorbeeld daarvan is Delfland. Het afdelingsbestuur moet door de leden van die afdeling gekozen worden; dat is een wettelijke verplichting, althans in beginsel.

Kandidatencommissie Het afdelingsbestuur kiest de kandidatencommissie. Die commissieleden mogen op grond van het Reglement geen privérelatie hebben met een kandidaat of zelf kandidaat zijn. De commissie adviseert over de geschiktheid van de kandidaten. Een kandidaat moet in elk geval partijlid zijn.

De afdelingsleden Het zijn de leden van de afdeling die daarna in een algemene ledenvergadering de definitieve kandidatenlijst vaststellen. Het is die kandidatenlijst die bij bij de verkiezingen op het stembiljet komt te staan.

Landelijk Bestuur revisited? Het landelijk bestuur mag op grond van de Statuten (zo staat het ten minste in het huishoudelijk reglement) besluiten van partijorganen buiten werking stellen. Zou dit ook gelden voor de definitieve vaststelling van de kandidatenlijst door de afdelingsvergadering?

BRONNEN

Artikel 10 Waterschapswet luidt: Lid 1. Het bestuur van een waterschap bestaat uit een algemeen bestuur, een dagelijks bestuur en een voorzitter, onverminderd hetgeen het reglement bepaalt over de benaming van die onderscheidene bestuursorganen. Lid 2. De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur.

Artikel 12 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën van belanghebbenden bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Lid 2. In het algemeen bestuur zijn de volgende categorieën van belanghebbenden vertegenwoordigd: a. de ingezetenen; b. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; c. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; d. degenen die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte.

Artikel G2a Kieswet luidt (gedeeltelijk): Een politieke groepering die een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid of een stichting is kan aan het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van het algemeen bestuur, schriftelijk verzoeken de aanduiding waarmee zij voor die verkiezing op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld, in te schrijven in een register dat door het centraal stembureau wordt bijgehouden.

Artikel 37 Burgerlijk Wetboek (Tweede Boek) luidt (gedeeltelijk): Het bestuur wordt uit de leden benoemd, De statuten kunnen echter bepalen dat bestuurders ook buiten de leden kunnen worden benoemd.. De benoeming geschiedt door de algemene vergadering. De statuten kunnen de wijze van benoeming echter ook anders regelen, mits elk lid middellijk of onmiddellijk aan de stemming over de benoeming der bestuurders kan deelnemen. De statuten kunnen bepalen, dat een of meer der bestuursleden, mits minder dan de helft, door andere personen dan de leden worden benoemd.

Artikel 41a Burgerlijk Wetboek luidt: De artikel 37-41 zijn van overeenkomstige toepassing op de afdelingen van een vereniging die geen rechtspersonen zijn en die een algemene vergadering en een bestuur hebben; hetgeen in die artikelen omtrent de statuten is bepaald, kan in een afdelingsreglement worden neergelegd.

Algemene Waterschapspartij: huishoudelijk reglement is te vinden op: https://www.algemenewaterschapspartij.nl/uploads/Huishoudelijk%20Reglement%20AWP%2028_10_17.pdf

Algemene Waterschapspartij: Reglement ten aanzien van de vaststelling van de kandidatenlijst voor de waterschapsverkiezingen op 20 maart 2019 van de Algemene Waterschapspartij is te vinden op: https://www.algemenewaterschapspartij.nl/uploads/20171028-03%20Kiesreglement%20AWP%202019%20ALV%2028_10_2017.pdf

 

Waterschapsverkiezingen: eisen die aan de politieke partijen worden gesteld

WOENSDAG 12 SEPTEMBER 2018 Over ruim een half jaar zijn er weer verkiezingen voor de waterschappen (maart 2019). Waterschappen worden ook wel hoogheemraadschappen genoemd. Wekelijks schrijf ik hierover een bijdrage. In de afgelopen weken heb ik onder andere geschreven over de regels die gelden voor de wijze waarop het algemeen bestuur wordt samengesteld en hoe het politiek is samengesteld in het (Zuid-Hollandse) waterschap Delfland en het (grotendeels Gelderse) waterschap Rivierenland. Vandaag schrijf ik over de eisen die aan de politieke partijen worden gesteld die aan de waterschapsverkiezingen meedoen.

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur is enigszins vergelijkbaar met de gemeenteraad. Het bestaat niet alleen uit vertegenwoordigers van de mensen die in het waterschap wonen (de ingezetenen), maar ook uit vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen landbouwgronden en natuurterreinen en uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in het waterschap. Er zitten dus vier categorieën vertegenwoordigers in het algemeen bestuur. De burger kiest alleen de vertegenwoordigers van de ingezetenen; deze categorie heeft de absolute meerderheid in het algemeen bestuur.

Delfland en Rivierenland Hun algemene besturen bestaan uit 30 leden. Daarvan zijn er respectievelijk 21 en 22 gekozen door de burger. In Delfland hebben acht partijen meegedaan aan de verkiezingen in 2015; ze hebben allemaal een of meer zetels gehaald. In Rivierenland hebben twaalf partijen meegedaan; daarvan hebben er tien een of meer zetels gehaald.

Kieswet De eisen die aan de partijen worden gesteld die aan de waterschapsverkiezingen meedoen, zijn geregeld in de Kieswet. Het zijn niet helemaal dezelfde als die welke worden gesteld aan de partijen die aan de gemeenteraadsverkiezingen meedoen. Een partij die aan de eisen voldoet, ziet haar naam of een andere door haar gekozen naam terug boven de kandidatenlijst op het stembiljet. Het is onder die naam dat partij campagne heeft gevoerd en daardoor bij de kiezer bekend kan zijn. Het is niet mijn bedoeling om hieronder alle eisen te bespreken waaraan een partij moet voldoen.

Vereniging? Een eerste eis is dat de partij een stichting is of een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid. Dat is een vereniging die met medewerking van de notaris is opgericht, die statuten heeft en die is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. In de statuten moet bijvoorbeeld zijn geregeld hoe de bestuursleden worden benoemd. Een zogenaamde informele vereniging of een BV (besloten vennootschap) voldoen dus niet aan de eisen. Maar een stichting voldoet dus wel bij waterschapsverkiezingen. Dat is bijzonder, want bij de andere verkiezingen voldoet hij niet. Ook bij gemeenteraadsverkiezingen voldoet een stichting niet; alleen een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid voldoet hier.

Naam: lengte De naam die de partij op het stembiljet wil hebben – in de praktijk zal het de partijnaam zelf zijn – mag niet langer zijn dan 35 letters of andere tekens. De top 5 van partijen met wat langere namen die aan de waterschapsverkiezingen in Delfland of Rivierenland hebben meegedaan, is als volgt samengesteld. Op de gedeelde vijfde plek staan ChristenUnie-SGP en Water Natuurlijk (16 tekens). Op de vierde plaats staat PSP’92 Rivierenland (19 tekens). Brons is er voor de Partij voor de Dieren (21 tekens). Zilver voor Lokale Regiobelangen Rivierenland (33 tekens). En bovenaan staat de Algemene Waterschapspartij Delfland, die met 35 tekens het onderste uit de kan heeft gehaald. Ik ga ervan uit dat spaties moeten worden meegeteld.

Naam: registratie De naam wordt geregistreerd door het centraal stembureau. Dat moet tijdig gebeuren: enkele weken voordat de kandidatenlijst moet worden ingeleverd. Wie het eerst komt, het eerst maalt: een eis die ook aan de naam wordt gesteld, is namelijk dat hij niet te veel mag lijken op de van een andere partij die al is geregistreerd of om registratie heeft gevraagd.

Stichting In Delfland zijn alle partijen verenigingen. In Rivierenland zit er een stichting tussen: Lokale Regiobelangen Rivierenland.

BRONNEN

Artikel 10 Waterschapswet luidt: Lid 1. Het bestuur van een waterschap bestaat uit een algemeen bestuur, een dagelijks bestuur en een voorzitter, onverminderd hetgeen het reglement bepaalt over de benaming van die onderscheidene bestuursorganen. Lid 2. De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur.

Artikel 12 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën van belanghebbenden bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Lid 2. In het algemeen bestuur zijn de volgende categorieën van belanghebbenden vertegenwoordigd: a. de ingezetenen; b. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; c. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; d. degenen die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte.

Artikel G2a Kieswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Een politieke groepering die een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid of een stichting is kan aan het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van het algemeen bestuur, schriftelijk verzoeken de aanduiding waarmee zij voor die verkiezing op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld, in te schrijven in een register dat door het centraal stembureau wordt bijgehouden. De verzoeken die zijn ontvangen na de tweeënveertigste dag voor de kandidaatstelling, blijven voor de daaropvolgende verkiezing buiten behandeling. Lid 4. Het centraal stembureau beslist slechts afwijzend op het verzoek, indien: b. de aanduiding geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een reeds geregistreerde aanduiding van een andere politieke groepering of met een aanduiding waarvoor reeds eerder op grond van dit artikel een registratieverzoek is ontvangen, en daardoor verwarring te duchten is; d. de aanduiding meer dan 35 letters of andere tekens bevat; f. het verzoek op dezelfde dag bij het centraal stembureau is ingekomen als een ander verzoek, strekkende tot inschrijving van een geheel of in hoofdzaak gelijkluidende aanduiding, tenzij dat andere verzoek reeds wordt afgewezen op een van de gronden, genoemd in de onderdelen a tot en met e. Lid 7. Het centraal stembureau schrapt de aanduiding in het register en brengt dit ter openbare kennis op de in het waterschap gebruikelijke wijze, wanneer: d. voor de laatstgehouden verkiezing van de leden van het algemeen bestuur geen geldige kandidatenlijst is ingeleverd.

Artikel 27 van het Burgerlijk Wetboek (Tweede Boek) luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Wordt een vereniging opgericht bij een notariële akte, dan moeten de volgende bepalingen in acht worden genomen. Lid 4. De statuten houden in: d. de wijze van bijeenroeping van de algemene vergadering; e. de wijze van benoeming en ontslag van de bestuurders.

Artikel 29 van het Burgerlijk Wetboek luidt (gedeeltelijk): Lid 1. De bestuurders van een vereniging waarvan de statuten zijn opgenomen in een notariële akte, zijn verplicht haar te doen inschrijven in het handelsregister.

Politieke samenstelling waterschappen: Delfland en Rivierenland

WOENSDAG 5 SEPTEMBER 2018 Over ruim een half jaar zijn er weer verkiezingen voor de waterschappen (maart 2019). Waterschappen worden ook wel hoogheemraadschappen genoemd. Wekelijks schrijf ik hierover een bijdrage. In de afgelopen weken heb ik geschreven over de regels die gelden voor de wijze waarop het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur wordt samengesteld. De bijdrage van deze week geeft hiervan een korte samenvatting maar gaat vooral over de politieke samenstelling van het algemeen en van het dagelijks bestuur in het (Zuid-Hollandse) Delfland en het (grotendeels Gelderse) Rivierenland.

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur is enigszins vergelijkbaar met de gemeenteraad. Het bestaat niet alleen uit vertegenwoordigers van de mensen die in het waterschap wonen (de ingezetenen), maar ook uit vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen landbouwgronden en natuurterreinen en uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in het waterschap. Er zitten dus vier categorieën vertegenwoordigers in het algemeen bestuur. De burger kiest alleen de vertegenwoordigers van de ingezetenen; deze categorie heeft de absolute meerderheid in het algemeen bestuur.

Delfland Het algemeen bestuur bestaat uit 30 leden. Daarvan zijn er 21 gekozen door de burger. De acht partijen die aan de verkiezingen in 2015 meededen, hebben een of meer zetels gehaald. VVD en Algemene Waterschapspartij Delfland hebben de meeste zetels gehaald: elk 4. PvdA, CDA en Water Natuurlijk hebben er elk 3 gehaald. Partij voor de Dieren heeft er 2. 50PLUS en ChristenUnie-SGP elk 1.

Rivierenland Het algemeen bestuur bestaat ook hier uit 30 leden. Daarvan zijn er 22 gekozen door de burger. Er hebben twaalf partijen aan de verkiezingen mee gedaan. Daarvan hebben er tien een of meer zetels gehaald. CDA heeft de meeste zetels gehaald: 4. Water Natuurlijk, PvdA en VVD hebben er elk 3 gehaald. Lokale Regiobelangen Rivierenland, SGP en ChristenUnie elk 2. Algemene Waterschapspartij, Partij voor de Dieren en 50PLUS elk 1. Huiseigenaren en PSP’92 Rivierenland visten achter het net.

Dagelijks Bestuur Het dagelijks bestuur bestaat uit de dijkgraaf en enkele andere leden. De dijkgraaf is de voorzitter; hij is enigszins vergelijkbaar met de burgemeester in de gemeente. De andere leden zijn enigszins vergelijkbaar met wethouders. Het algemeen bestuur kiest uit haar midden die andere leden van het dagelijks bestuur; minstens één van hen moet van een andere categorie zijn dan de ingezetenen.

Delfland VVD, Algemene Waterschapspartij Delfland, CDA en Water Natuurlijk hebben een coalitieakkoord gesloten, genaamd: Iedereen bewust van water. Daardoor kan dit akkoord rekenen op de steun van 14 van de 21 vertegenwoordigers van ingezetenen in het algemeen bestuur. Bovendien hebben de vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en die van de bezitters van landbouwgronden hun handtekening onder het akkoord gezet. Daardoor kan het ook rekenen op de steun van 8 van de 9 vertegenwoordigers van de andere categorieën in het algemeen bestuur. Het coalitieakkoord wordt dus gesteund door 22 van de 30 leden van het algemeen bestuur, een ruime meerderheid! Naast de dijkgraaf bestaat het dagelijks bestuur nog uit vijf andere leden: afkomstig van de coalitiepartijen VVD, Algemene Waterschapspartij Delfland, CDA, Water Natuurlijk en het bedrijfsleven.

Rivierenland CDA, Water Natuurlijk, PvdA, SGP en Christen-Unie hebben een coalitieakkoord gesloten, genaamd: Bestuursakkoord Veilig en vernieuwend. Dit akkoord kan dus rekenen op de steun van 14 van de 22 vertegenwoordigers van ingezetenen in het algemeen bestuur. Bovendien hebben de vertegenwoordigers van de bezitters van landbouwgronden hun handtekening eronder geplaatst. Daardoor kan het ook rekenen op de steun van 4 van de 8 vertegenwoordigers van de andere categorieën in het algemeen bestuur. Het coalitieakkoord wordt dus gesteund door 18 van de 30 leden van het algemeen bestuur, een niet al te ruime meerderheid! Naast de dijkgraaf bestaat het dagelijks bestuur nog uit vijf andere leden: afkomstig van de coalitiepartijen CDA, Water Natuurlijk, PvdA, SGP en ChristenUnie (gezamenlijk) en de bezitters van landbouwgronden.

BRONNEN

Artikel 10 Waterschapswet luidt: Lid 1. Het bestuur van een waterschap bestaat uit een algemeen bestuur, een dagelijks bestuur en een voorzitter, onverminderd hetgeen het reglement bepaalt over de benaming van die onderscheidene bestuursorganen. Lid 2. De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur.

Artikel 12 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën van belanghebbenden bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Lid 2. In het algemeen bestuur zijn de volgende categorieën van belanghebbenden vertegenwoordigd: a. de ingezetenen; b. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; c. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; d. degenen die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte

Artikel 13 luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur bestaat uit een bij reglement vastgesteld aantal leden van ten minste achttien en ten hoogste dertig leden. Lid 3. Het totaal aantal vertegenwoordigers van de in artikel 12, tweede lid, onderdelen b, c en d, bedoelde categorieën bedraagt ten minste zeven en ten hoogste negen, met dien verstande dat het totaal aantal ten hoogste acht is, indien het algemeen bestuur uit achttien leden bestaat.

Artikel 40 Waterschapswet luidt: Lid 1. Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en een door het algemeen bestuur te bepalen aantal andere leden, waarvan ten minste één lid een vertegenwoordiger is van een van de categorieën van belanghebbenden bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdelen b, c of d.

Artikel 41 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. De leden van het dagelijks bestuur, met uitzondering van de voorzitter, worden door het algemeen bestuur benoemd. Lid 2. De benoeming vindt plaats uit de leden van het algemeen bestuur.

Artikel 2 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): De bevoegdheid tot regeling van (de) samenstelling van hun bestuur en tot de verdere reglementering van waterschappen behoort aan provinciale staten. De uitoefening van deze bevoegdheid geschiedt bij provinciale verordening.

Artikel 9 Reglement van Bestuur voor het Hoogheemraadschap van Delfland (2015) luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur bestaat uit 30 leden. Van deze leden vertegenwoordigen:

a. eenentwintig leden de categorie ingezetenen als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter a van de Waterschapswet; 

  • b. vier leden de categorie ongebouwd als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter b van de Waterschapswet;
  • c. één lid de categorie natuurterreinen als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter c van de Waterschapswet;
  • d. vier leden de categorie bedrijven als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onder de letter d van de Waterschapswet.

Artikel 6 Reglement voor waterschap Rivierenland luidt: Het algemeen bestuur bestaat uit dertig leden. Hiervan vertegenwoordigen:

  • a. tweeëntwintig leden de categorie ingezetenen;
  • b. vier leden de categorie ongebouwd;
  • c. één lid de categorie natuurterreinen;
  • d. drie leden de categorie bedrijven.

Artikel 40 Waterschapswet luidt: Lid 1. Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en een door het algemeen bestuur te bepalen aantal andere leden, waarvan ten minste één lid een vertegenwoordiger is van een van de categorieën van belanghebbenden bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdelen b, c of d. Lid 2. Bij reglement kan worden bepaald welk aantal leden het dagelijks bestuur ten minste en ten hoogste telt.

Artikel 41 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. De leden van het dagelijks bestuur, met uitzondering van de voorzitter, worden door het algemeen bestuur benoemd. Lid 2. De benoeming vindt plaats uit de leden van het algemeen bestuur. Lid 3. Gedeputeerde staten kunnen, indien het reglement dat bepaalt, ontheffing verlenen van het bepaalde in het tweede lid. Lid 5. Het algemeen bestuur kan een of meer leden van het dagelijks bestuur, met uitzondering van de voorzitter, ontslag verlenen, indien deze het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezitten.

Heemraden en hoogheemraden

WOENSDAG 29 AUGUSTUS 2018 Over ruim een half jaar zijn er weer verkiezingen voor de waterschappen (maart 2019). Waterschappen worden ook wel hoogheemraadschappen genoemd. Wekelijks schrijf ik hierover een bijdrage. De bijdrage van deze week gaat over het dagelijks bestuur.

Dagelijks Bestuur Het dagelijks bestuur bestaat uit de dijkgraaf en enkele andere leden. De dijkgraaf is de voorzitter; hij is enigszins vergelijkbaar met de burgemeester in de gemeente. De andere leden zijn enigszins vergelijkbaar met wethouders. Het Dagelijks Bestuur (met hoofdletters) is de naam die de Waterschapswet eraan geeft. De wet laat uitdrukkelijk toe dat de provincie in haar reglement een andere naam voorschrijft.

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur is enigszins vergelijkbaar met de gemeenteraad. Het bestaat niet alleen uit vertegenwoordigers van de mensen die in het waterschap wonen (de ingezetenen), maar ook uit vertegenwoordigers van de bezitters van in het waterschap gelegen landbouwgronden en natuurterreinen en uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in het waterschap. Er zitten dus vier categorieën vertegenwoordigers in het algemeen bestuur.

Provinciaal reglement De provincie maakt een reglement voor haar waterschappen. In deze bijdrage komt het (Zuid-Hollandse) Reglement van Bestuur voor het Hoogheemraadschap van Delfland en het (grotendeels Gelderse) Reglement voor waterschap Rivierenland ter sprake.

Heemraden en hoogheemraden In beide reglementen krijgen de andere leden van het dagelijks bestuur een andere naam, namelijk heemraden (Rivierenland) en hoogheemraden (Delfland). Met andere leden bedoel ik: dagelijkse bestuurders met uitzondering van de dijkgraaf.

Grootte Het algemeen bestuur van het waterschap bepaalt uit hoeveel andere leden het dagelijks bestuur bestaat. De provincie mag in haar reglement een minimum- en een maximumaantal voorschrijven. In de reglementen voor Delfland en Rivierenland is (alleen) een maximumaantal voorgeschreven van respectievelijk vijf en zes andere leden. In beide waterschappen is gekozen voor vijf andere leden van het algemeen bestuur; in Rivierenland is dus niet voor het maximumaantal gegaan.

Wie benoemt Het algemeen bestuur benoemt de andere leden. Niet de dijkgraaf, want die wordt door de regering benoemd.

Wie mag benoemd worden Daarover geeft de Waterschapswet een regel. Het algemeen bestuur mag namelijk alleen dagelijkse bestuurders benoemen die lid zijn van het algemeen bestuur. Zij mogen dus alleen uit hun midden dagelijkse bestuurders benoemen. Dat is een verschil met de gemeente: een wethouder hoeft bij zijn benoeming geen raadslid te zijn. Bovendien: een wethouder die bij zijn benoeming toch raadslid is, verliest dat raadslidmaatschap, terwijl een dagelijkse bestuurder van het waterschap lid blijft van het algemeen bestuur. De provincie kan een waterschap ontheffing geven van de regel dat een dagelijks bestuurder lid van het algemeen bestuur moet zijn, mits het provinciaal reglement een bepaling van die strekking bevat. Zo’n bepaling komt inderdaad voor in de reglementen Delfland en Rivierenland. Er is evenwel geen ontheffing verleend door de provincie, want alle (hoog)heemraden zijn lid van het algemeen bestuur.

Wie moet benoemd worden Ook daarover geeft de Waterschapswet een regel. Minstens één vertegenwoordiger van de niet-ingezetenen in het algemeen bestuur moet namelijk benoemd worden tot dagelijks bestuurder. In Delfland is dat de vertegenwoordiger van het bedrijfsleven; in Rivierenland de vertegenwoordiger van de landbouwgrondbezitters.

Ontslag Het algemeen bestuur mag een of meer dagelijkse bestuurders ontslaan, als deze niet langer het vertrouwen hebben van het algemeen bestuur. De gemeenteraad mag om dezelfde reden een of meer wethouders ontslaan.

BRONNEN

Artikel 10 Waterschapswet luidt: Lid 1. Het bestuur van een waterschap bestaat uit een algemeen bestuur, een dagelijks bestuur en een voorzitter, onverminderd hetgeen het reglement bepaalt over de benaming van die onderscheidene bestuursorganen. Lid 2. De voorzitter is voorzitter van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur.

Artikel 12 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van categorieën van belanghebbenden bij de uitoefening van de taken van het waterschap. Lid 2. In het algemeen bestuur zijn de volgende categorieën van belanghebbenden vertegenwoordigd: a. de ingezetenen; b. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van ongebouwde onroerende zaken, niet zijnde natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; c. degenen die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van natuurterreinen als bedoeld in artikel 116, onder c; d. degenen die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebouwde onroerende zaken in gebruik hebben als bedrijfsruimte

Artikel 2 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): De bevoegdheid tot regeling van (de) samenstelling van hun bestuur en tot de verdere reglementering van waterschappen behoort aan provinciale staten. De uitoefening van deze bevoegdheid geschiedt bij provinciale verordening.

Artikel 8 Reglement van Bestuur voor het Hoogheemraadschap van Delfland (2015) luidt: Het bestuur van het hoogheemraadschap bestaat uit een Algemeen Bestuur, aangeduid onder de benaming van Verenigde Vergadering, een Dagelijks Bestuur, aangeduid onder de benaming dijkgraaf en hoogheemraden en een voorzitter, aangeduid onder de benaming dijkgraaf.

Artikel 5 Reglement voor waterschap Rivierenland luidt (gedeeltelijk): De leden van het dagelijks bestuur, niet zijnde de dijkgraaf, worden aangeduid als heemraden.

Artikel 40 Waterschapswet luidt: Lid 1. Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en een door het algemeen bestuur te bepalen aantal andere leden, waarvan ten minste één lid een vertegenwoordiger is van een van de categorieën van belanghebbenden bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdelen b, c of d. Lid 2. Bij reglement kan worden bepaald welk aantal leden het dagelijks bestuur ten minste en ten hoogste telt.

Artikel 10 Reglement van Bestuur voor het Hoogheemraadschap van Delfland (2015)luidt: Lid 1. Het Dagelijks Bestuur bestaat uit de voorzitter en ten hoogste vijf andere leden. Lid 2. Gedeputeerde Staten kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in artikel 41, tweede lid van de Waterschapswet.

Artikel 9 Reglement voor waterschap Rivierenland luidt: Het college van dijkgraaf en heemraden bestaat uit de dijkgraaf en een door het algemeen bestuur te bepalen aantal andere leden dat ten hoogste zes bedraagt.

Artikel 10 lid 1 Reglement voor waterschap Rivierenland luidt: Gedeputeerde Staten van Gelderland kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in artikel 41, tweede lid, van de wet.

Artikel 41 Waterschapswet luidt (gedeeltelijk): Lid 1. De leden van het dagelijks bestuur, met uitzondering van de voorzitter, worden door het algemeen bestuur benoemd. Lid 2. De benoeming vindt plaats uit de leden van het algemeen bestuur. Lid 3. Gedeputeerde staten kunnen, indien het reglement dat bepaalt, ontheffing verlenen van het bepaalde in het tweede lid. Lid 5. Het algemeen bestuur kan een of meer leden van het dagelijks bestuur, met uitzondering van de voorzitter, ontslag verlenen, indien deze het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezitten.